Categorie archief: Nederland

Stoom

Een van mijn kinderherinneringen is dat ik met mijn moeder op ons kleine stationnetje aan de Langstraatspoorlijn stond en vreselijk schrok van een stoomwolk die sissend uit de locomotief schoot. Ook herinner ik mij dat opa ons met de auto naar het station gebracht had en dat hij al wegreed voordat de trein wegreed.
Nu lees ik toevallig dat die spoorlijn werd opgeheven op 1 augustus 1950. Ik was toen precies drie jaar oud; het is dus een zeer vroege herinnering.

6 reacties

Opgeslagen onder Nederland, Persoonlijk, Trein&tram

Camera Obscura

Bij het uitmesten van een boekenkast vond ik een exemplaar van Hildebrand, Camera Obscura terug. Had ik het zelf gekocht? Het was een Prisma-boek van ± 1960, destijds het goedkoopste wat je krijgen kon, en dienovereenkomstig benauwd gedrukt en moeilijk doorbladerbaar. De eerste druk dateert van 1839.
Ik dacht altijd dat Couperus’ De stille kracht het eerste literaire werk was dat ik las, behalve dan de verplichte nummers op school. Maar tot mijn verbazing herinnerde ik mij grote stukken uit dit boek, soms hele zinnen woordelijk, na er ruim een halve eeuw niet aan gedacht te hebben! Het schrijnende verhaal van Keesje, het diakenhuismannetje, dien men het vlijtig gespaarde geld voor een eigen doodshemd had afgenomen. ‘Hoe warm het was en hoe ver.’ ‘Er komen mensen op een kopje thee, om verder het avondje te passeren,’ met de familie Stastok, Mietje met de Kalfsogen, Koosje van Naslaan en de heer Dorbeen, die werd gezegd een droogkomiek te zijn. ‘Een avondje vergulden,’ komt dat ook daaruit? Ik heb het nog niet teruggevonden, en weet ook niet meer wat vergulden is. En ja, het onvergetelijke gedicht dat mevrouw Dorbeen met zware klemtonen voordroeg, ik wist het ineens bijna woordelijk: ‘Zo rust dan eind’lijk, ’t ruwe noorden | Van hageljacht en stormgeloei, | En rolt de Rhijn weer langs zijn boorden, | Ontslagen van den winterboei.’
Het gezapige Nederlandse burgermansleven genadeloos gefileerd; dat was wel even leuk, evenals de informatie hoe men vroeger leefde: bij voorbeeld dat de kachel niet vóór november aanging, en dat er in diligences en trekschuiten vlijtig sigaren werden gerookt. Toch kan ik dit boek niet al te fascinerend vinden. Het kan alleen zo beroemd geweest zijn omdat er uit die tijd verder niet zo veel is. Iets later uit de eeuw herinner ik mij—maar die heb ik pas veel later leren kennen—alleen Klikspaan, Piet Paaltjens en Alexander Ver Huell, Zijn er zoo?, en dan kwamen de Tachtigers; toen werd het pas echt interessant. Tollens en van Lennep had je ook nog, maar die heb ik nooit gelezen.
Het kan echter ook zijn dat er in de vroege negentiende eeuw best wat geschreven werd, maar dat de erfenis niet is gecultiveerd. Lijkt me net iets voor Nederland, om zijn literatuur te vergeten. In de buurlanden is het volstrekt normaal, boeken uit de negentiende of zelfs de achttiende eeuw te lezen.
.
Vreemd, hoe zo’n teruggevonden boek heel veel weer terugbrengt in het geheugen. Zo bezien moet je misschien toch niet te veel weggooien.

8 reacties

Opgeslagen onder Literatur, Nederland

Bronchitis, of: Europese onenigheid

Mijn bronchitis werd te lijf gegaan met een middel om te inhaleren en een antibioticum. Het hardnekkige na-hoestje dat ik nog steeds heb wordt nog bestreden met weer een ander middeltje om te inhaleren. Iedereen die ik hier in Duitsland ken en die ook wel eens bronchitis heeft gehad is het erover eens: ja, zo gaat dat, zo moet dat.
.
Hoe heel anders is dat in Nederland, waar ik iemand ken die een minstens zo erge bronchitis heeft als ik had. Die wordt helemaal niet behandeld, onder het motto: het zal vanzelf wel overgaan. Op de achtergrond loert waarschijnlijk het argument van het geprivatiseerde zorgstelsel: niet behandelen is veel goedkoper. Zoals de mensen na een knie-operatie daar ook meteen de straat op worden gestuurd.
.
Maar als een beroemde televisiepersoonlijkheid nu eens bronchitis heeft, of de koning, of Rutte zelf, worden die dan ook niet behandeld?

5 reacties

Opgeslagen onder Duitsland, Europa, Nederland

Mini-herinneringen: vette happen

Samosoplusivanje was het woord waar ik vanochtend mee wakker werd. Het betekent ‘zelfbediening’ in het Joegoslavisch, tenminste dat dacht ik. Volgens Google translate moet het zijn: samoposluživanje; bijna goed dus. In het mild-socialistische Joegoslavië van 1965 en volgende waren dat restaurants waar het gemene volk en ook studenten uit het buitenland voor weinig geld een maaltijd konden gebruiken. Geen grote keuken natuurlijk, maar ook niet in strijd met de menselijke waardigheid. In Bulgarije had je ze ook, maar dat was echt communistisch en daar was het eten meteen veel smeriger: een closetpapierkleurige kwak puree met een onbestemde saus waarin enkele stukjes vlees dreven.
.
Wat deed ik in die landstreken? Natuurlijk was ik onderweg naar het Midden-Oosten, tot Joegoslavië liftend en daarna met de trein. Vliegtuigen waren nog te duur, en bovendien was ik benieuwd naar al die gebieden waar je dan doorheen kwam. Door vreemde wisselkoersen was de Balkan en wat daarna kwam spotgoedkoop. Pas in Turkije werd het eten echt lekker, te beginnen met de restauratiewagen die aan de grens aan de trein werd gekoppeld: een weelderig ingerichte Oostenrijkse Speisewagen van ongeveer 1912, goed geconserveerd.
.
In Nederland bestonden ook van die zelfbedieningsrestaurants. Je had Heck’s en Rutecks, allebei op het Rembrandtplein als ik mij goed herinner. Een biefstukje met gebakken aardappeltjes, huzarensalade, dat soort dingen. Gebutste schaaltjes van roestvrij staal. Echt eten kon je bij De Kroon, ook op het Rembrandtplein. Toen ik dat voor het eerst zelf betaalde kostte dat 25 gulden: niet weinig, en wat ik mij er vooral van herinner is mayonaise.

2 reacties

Opgeslagen onder Eten, Europa, Nabije Oosten, Nederland, Reizen

Noordwaarts

11.11.2018 Mijn bezoek aan Groningen moest ik helaas wat inkorten, maar ik wilde wel naar de Iran-tentoonstelling in Assen. Zondag tot 13.00 ‘gewerkt’, d.w.z. gezongen, in Hartenrod. Vandaar is Groningen dan niet meer dezelfde dag te bereiken, dus ik moest ergens overnachten.
.
Mocht u een klok willen bestellen, dan kan dat niet meer in Heiligerlee, maar wel in Gescher, waar ik de nacht doorbracht. De klokkengieterij heeft een nuchter bedrijfspand (afb.1); iets mooier is het klokkenmuseum (afb.2), maar dat haalt toch niet bij Greifenstein.
.
De eerste plaats in Noord-Nederland waarheen ik stuurde was Veendam. Omdat er een weg was opgebroken werd ik omgeleid, langs plaatsen als Gasselternijveenschemond — hoe leg je dat een Japanner of een Welshman uit? Ongewild zag ik nog wat van de Hondsrug; dat moest dus al Drente zijn. Niet erg.
.
Veendam geeft zich niet gemakkelijk, er is weinig structuur in te ontdekken. Begonnen bij de hoofdkerk, waar een prachtige begraafplaats bij is met hoge bomen en van die hoge grafstenen (afb. 3–4). Vervolgens een lange winkelstraat ingelopen, met gelijkvloers 100% puivervuiling, maar Hollandse (afb. 5) of zelfs Haagse (afb. 6) lijningen op de eerste verdieping en hoger. Dan kom je bij het Oosterdiep. Dat is kennelijk de plek waar je mooi woont in Veendam (afb. 7), en het hoeft niet altijd duur te zijn (afb. 8).
.
Wat te lunchen in Veendam? Horecatermen als Smulcentrum, Daghap en Restaria stimuleerden de eetlust niet. Het werd tenslotte een hutspot in brasserie ‘De Koe’. Even wennen, dit historische gerecht, maar het ging er best in. Koffie zetten konden ze daar ook.
.
Sinds gisterenmiddag regende en druilde het vrijwel de hele tijd; het landschap bevond zich in een grote grijze wolk. Dat is heerlijk, na vijf maanden droogte. (‘Laat toch van dien milden regen | dropp’len vallen op mij neer | ook op mij, ook op mij.’) Maar ik vrees dat het niet genoeg was om het grondwater weer op te vullen.
.
Door naar Wildervank, want ik had gehoord dat dat mooi is. Daar vond ik hetzelfde Oosterdiep weer terug, met inderdaad fraaie bebouwing (afb. 9–11).
Hoe bekijk je een lintdorp? Ideaal zou zijn met de fiets, maar die had ik niet, dus dan maar af en toe de auto neerzetten en een stuk lopen.
.
Langs de vaarten staan de huizen, daar wonen de mensen, en denkelijk best gezellig, al zitten ze niet op elkaars lip. Maar als je van de ene vaart naar de andere wilt oversteken moet je door een leeg stuk land, zoals bij voorbeeld van Wildervank naar Windeweer, waar ik een B&B had geboekt. Daar is plat akkerland en boomloosheid en godverlatenheid. Eenmaal aangekomen bij de nieuwe vaart ben je weer onder mensen.
.
Kiel-Windeweer heb ik wel helemaal te voet gedaan. Het is een lange vaart, waarvan beide oevers niet al te dicht bebouwd zijn, maar een mooi aanzicht bieden. Fraaie, royale maar normale boerderijen en huizen; je komt er helemaal tot rust (afb. 12–15).
.
De mensen zijn hier vriendelijk en willen graag een praatje maken. Pijnlijk was het, dat ik soms twee keer om herhaling moest vragen voor ik ze verstond. Ze merkten natuurlijk dat ik een vreemdeling ben, maar konden of wilden niet allemaal ABN spreken. Gronings in zijn zuivere vorm is nauwelijks minder exotisch dan Fries. De Friese televisie, die hier te ontvangen was, viel ook niet mee. Met behulp van Nederlands, Engels, Duits en een beetje Scandinavisch proberen te begrijpen wat er gezegd wordt: het kost tijd en lukt niet helemaal.
Toch zijn er in deze streek ook veel mensen die 100% ABN spreken, zonder zelfs maar een spoortje noordelijk accent.
.
Na Windeweer en Assen moest ik naar een adres in Midden-Nederland. Daarbij viel me op dat er vanaf Hoogeveen een Randstad-achtige drukte op de weg begon te heersen. Het ‘Noorden-gevoel’ was ineens weg.

6 reacties

Opgeslagen onder Nederland

Iran in Assen

In Assen kun je de HEMA bezoeken, maar veel interessanter is natuurlijk het Drents Museum, waar ik op de valreep nog de Iran-tentoonstelling heb gezien. Het is nu te laat: om een indruk te krijgen kunt u hier kijken: https://www.youtube.com/watch?v=E8yaHPWezMI en https://www.youtube.com/watch?v=lZveqbPBjUE, of een catalogus kopen. Een overzicht van de prehistorie tot ± 1700, aan de hand van voorwerpen en sculpturen uit het Nationaal Museum in Teheran. Heel bijzonder dat dat kon. Overwegend topstukken, ter eerste kennismaking, niet al te veel diepgang over een bepaalde periode. De samenwerking met Teheran merk je ook aan het nationalisme in de commentaren: Iran was in alles het eerste, het beste en het grootste, reeds in de voortijd. Het land doet in eigenroem niet onder voor Turkije. Vaak is het nog waar ook wat ze zeggen, en dat irriteert nog meer. Laat anderen maar zeggen hoe goed ze waren of zijn; dat moeten ze niet zelf doen. Bovendien konden Pakistan, India en China natuurlijk ook wat.
Grappig was hoe de islam werd onderbelicht. Er lag ergens een prachtige geïllumineerd Koranhandschrift, dat wel. Om de tekst die een eindje verderop hing moest ik lachen:

“Iran en islam. In 633 wordt het Sassanidische rijk overlopen door de Arabieren. Zij brengen de islam naar Iran. De ineenstorting van het rijk heeft natuurlijk een enorme impact op de hele samenleving. Toch klinkt dat nauwelijks door in het dagelijks leven zoals de bevolking dat gewend is. de wevers produceren nog steeds dezelfde stoffen van zijde en wol, […] De vormen en stijl veranderen maar heel langzaam. […]”

En zo gaat het nog een tijdje door. Er staat geen woord over de islam in, en dat past precies bij de stemming in Iran: de godsdienst blijft zo mogelijk onvermeld, omdat iedereen daar zo vreselijk genoeg van heeft.
.
Hoewel ik door mijn vak niet geheel onbekend was met de tentoongestelde voorwerpen en misschien minder verrast was dan de meeste Nederlanders, was ik wel weer erg onder de indruk van de schoonheid die van individuele voorwerpen kan uitgaan. Ik heb me vooral geconcentreerd op de Sassanidische periode, die ik altijd wat had verwaarloosd, hoewel een arabist daar veel van hoort te weten. Die zilveren schotel! nee, foto’s heb ik er niet van. Die Sassanidische cultuur was lang niet zo in verval als ik in mijn opleiding heb geleerd.
.
De tentoonstelling was zo verzadigend dat ik vergeten ben de rest van het museum te bekijken! Wel zag ik op de terugweg nog een hele mooie woonwijk met grote Hollandse huizen waar de burgerij woont of woonde—of moet ik zeggen de koloniale elite? In zulke huizen kun je wel een vleugelpiano kwijt.

3 reacties

Opgeslagen onder Iran, Nederland

Bruin met roetvegen

Het ‘Zwartepietendebat’ brengt Nederland tot aan de rand van de burgeroorlog, als je sommige media mag geloven. Hetzelfde soort oorlog als we in 1966(?) hadden, toen de Provo’s luidkeels uitriepen: Het is oorlog! Ze wisten in geen velden of wegen wat dat was, oorlog, en ook nu valt het weer reuze mee. In ieder geval is er discussiestof tot ongeveer de kerstdagen, en daarna is het nog maar een paar nachtjes slapen tot het vuurwerkgeweld weer losbarst.
.
Tijdens een bezoek aan de HEMA in Assen zag ik een discrete en subtiele bijdrage tot het debat. Aan het plafond waren er op karton tekeningen opgehangen van de Sint, pieten en de schimmel. Daar hing een blanke piet met roetvegen en ook, dat was nieuw voor mij: een bruine piet met roetvegen! Een Marokkaan of een Turk misschien? Lijkt me een prima idee.

2 reacties

Opgeslagen onder Nederland

Windeweer!

Wat heb ik nou weer gedaan? Ik merkte met schrik dat ik de Iran-tentoonstelling in Assen nog niet heb gezien, en die duurt nog maar tot 18 november. Gauw iets van onderdak geboekt; wind en weder dienende zal ik twee nachten doorbrengen in Windeweer. Die plek werd aangeprezen in een reactie bij mijn Oost-Groningen-blog van een paar jaar geleden.
Ik had maar ruim een week vakantie gehad dit jaar, dus het mag wel even. Door het onverwachte van dit besluit, dat zich als het ware buiten mij om genomen heeft, raak ik helemaal opgewonden. Maar eerst nog twee concerten zingen.

5 reacties

Opgeslagen onder Iran, Nederland, Reizen

Computers als taalveranderaars

Iedere wat oudere geletterde Nederlander kent de buigings-e, al kent hij misschien de term niet. Je zegt en schrijft ‘een mooi huis’, maar ‘mooihuizen,’ ‘het mooihuis,’ ‘de mooihuizen’. Welnu, die in ‘mooie’, dat is de buigings-e. Als oude Nederlander kan ik daar geen fouten mee maken; hij zit ingebakken in mijn moedertaal. Misschien dat jongere mensen, die aan slecht onderwijs hebben blootgestaan, er wel fouten mee maken. Ook niet-moedertaalsprekers laten hem vaak weg.
.
Misschien gaat de buigings-verdwijnen, zoals ook de laatste rest van het woordgeslacht, het verschil tussen de- en het-woorden, aan het verdwijnen is. Ik heb er vrede mee: talen ontwikkelen zich nu eenmaal, en oude mensen mogen onder elkaar nog lekker hun gang gaan. Voor hen is het prettig dat ze, bij al hun stijfheid, tenminste nog iets kunnen buigen.
.
Waar ik echter geen vrede mee heb is dat de automatische spellingscorrectie in vele computerprogramma’s die e vaak weglaat. Toen ik voor het eerst merkte dat er in een tekst van mij een buigings-ontbrak dacht ik aan een typefout. Maar toen het vaak voorkwam begreep ik het: het is die schaamteloze corrector die alle buigings-e’s domweg schrapt; zelfs in déze tekst. In een behoorlijke tekstverwerker kun je die automatische spellingscorrectie uitschakelen, maar er zijn ettelijke programma’s, WordPress bij voorbeeld, waarin dat niet mogelijk is. En die betrap ik op het bliksemsnel weghalen van buigings-e’s die ik wel degelijk getypt had. Waar bemoeien ze zich mee? Zo zal die buigings-waarschijnlijk versneld uit het Nederlands gaan verdwijnen, zodat er weer een stukje duidelijkheid brengende redundantie naar de knoppen is.
.
Sprekers van allerlei pluimage mogen mijn taal veranderen, maar ik wil niet dat één of ander stompzinnig computerprogramma mijn taal verandert! Het terugcorrigeren van de op niets berustende vermoedens van die ellendedingen kost toch al zo veel tijd.

=====

De spelling van het Frans is al eeuwenlang prettig hetzelfde, zodat je weet waar je aan toe bent, maar zij verandert nu door de smartphone. Bij andere talen is dat ook het geval, omdat er afkortingen en hip of revolutionair bedoelde alternatieve spellingen worden gebruikt. Maar in het Frans komt er nog iets bij: de accenten (bijv. é, è of ê) zijn op een smartphone heel lastig te typen, dus die worden voortaan maar weggelaten. Het lijkt de zestiende eeuw wel! Het hele systeem van de gebruikelijke Franse spelling wordt ondermijnd door zo’n apparaatje. Défenestrez-le!

1 reactie

Opgeslagen onder Nederland, Taal

Anti wat?

Uitingen van antisemitisme nemen de laatste tijd sterk toe, zo zeer dat het zelfs autoriteiten verontrust. Angela Merkel en ettelijke anderen hebben gezegd dat het een schande is en dat het niet meer voor mag komen. Wat ze eraan gaan doen is dan nog vraag twee.
Er zijn bevolkingsgroepen die meteen klaar staan met de bewering dat het allemaal de schuld is van de moslims. Inderdaad zijn er immigranten en vluchtelingen uit het Nabije Oosten die grote bezwaren hebben tegen Joden en/of Israëlis en die ook geweld niet schuwen. Palestijnen hebben die bezwaren van huis uit; andere Arabieren, bijv. in Syrië en Saoedi-Arabië, krijgen op school aangeleerd dat Joden baarlijke duivels zijn. Zo’n Syrische schoolverlater van zestien die hier rondloopt heeft van zijn levensdagen nooit Joden gezien, maar hij weet wel dat hij ze moet haten.
Het idee dat de toename te wijten is aan de nieuwkomers uit het Midden-Oosten lijkt dus nog niet zo gek, maar onderzoeken in verschillende Europese landen hebben aangetoond dat het toch niet zo is, en dat de overweldigende meerderheid van antisemitische uitingen en incidenten nog steeds van Europeanen zelf komt (zie bijv. dit en dit). Bij nader inzien is dat helemaal niet verbazend, gezien de rijke traditie die Europa op dit gebied kent. Voor Duitsland had ik dat ook zonder wetenschappelijke rapporten wel begrepen; het is hier van de straat te scheppen.

  • In Nederland komt en kwam antisemitisme ook na 1945 voor. Ik wist dat vroeger niet, naïef en niet-Joods als ik was. Na vele jaren vond ik een oud-studiegenoot van me terug. Bij een etentje en een fles wijn vertelde hij me eens dat hij Jood was — wat ik nooit had geweten, maar zo hoort het ook — en in Nederland veel Jodenhaat had ondervonden. In de jaren zeventig dus, toen Nederland zich breed begon te maken als gidsland. De man had zo genoeg gekregen van dat Jood-zijn en het hele gedoe eromheen, dat hij naar een heel ver land was verhuisd en een vrouw van daarginds had getrouwd. Daar is hij geen Jood, hoogstens een Hollander. Probleem voor hem opgelost.

Mooi hoor, dat onze landen zo alert zijn op antisemitisme. Jammer alleen dat een deel van de bevolking het verschijnsel misbruikt als brandstof voor zijn moslimhaat. Maar nog veel treuriger is dat mensen die bezorgd zijn om antisemitisme onverschillig lijken te staan tegenover die moslimhaat, sterker nog: die soms heimelijk wel mooi vinden. Er is natuurlijk heel veel meer moslimhaat dan haat tegen joden; al was het alleen al omdat er zo veel meer moslims zijn.1 Dat lijkt dan ineens een heel ander kapittel te zijn, terwijl het in werkelijkheid toch precies hetzelfde is. Daarom geef ik toch niet zoveel om die bezorgdheid over het antisemitisme. Breng de beide soorten haat eerst maar eens onder dezelfde noemer en noem ze altijd en consequent in één adem.

NOOT
1. Gemakzuchtige schattingen: wereldwijd zijn er: 15.000.000 Joden en 1.500.000.000 moslims. Honderd maal meer moslims dus.
Voor Duitsland zijn deze cijfers: 200.000 Joden en 4.700.000 moslims. Ong. vierentwintig maal meer moslims.

1 reactie

Opgeslagen onder Duitsland, Europa, Islam, Joden Joods joods, Nederland, Vluchtelingen