Schwere Wörter: Flugmango

Een Flugmango is een manga die gisteren nog aan de boom hing, per vliegtuig tot ons is gekomen en dus eetrijp is.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Duitsland, Eten en drinken, Taal

Vrede op aarde

Marian Kamensky

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Europa, Oorlog

Hoe erg is Qatar?

Tamelijk erg, zoals iedere nouveau riche-omgeving. Het piepkleine, onbegroeide landje wordt in de eerste plaats bewoond door ongeveer 380.000 Qatarezen, de omhoog gevallen nakomelingen van vissers, slavenhandelaren en piraten, die door olie en sinds 1973 vooral door gas een ongelooflijke smak geld te verdelen hebben. Verder wonen er ongeveer 2.500.000 gastarbeiders, uit Azië, Afrika en Europa. De Qatarezen hoeven dus nauwelijks een poot uit te steken en worden door hun emir royaal in de spulletjes gezet. Onderwijs en zorg zijn er gratis, voor de autochtonen op zeer hoog niveau, al ontbreken belangrijke vakken als filosofie, geschiedenis, literatuur, kunst en godsdienstwetenschap. De secularisatie en ontwahhabisering die in Saoedi-Arabië om zich heen grijpen schijnen Qatar nog niet bereikt te hebben. Maar ja, jaarinkomens van een miljoen of meer halen vaak wel de scherpe kantjes van een geloof af.

De werk- en leefsituatie van de arbeidsmigranten uit lage lonenlanden zijn slecht, ten dele zelfs mensonwaardig. Een voortzetting van de slavernij, die in 1952 werd afgeschaft; met name de toestand van de slaven in de parelvisserij was barbaars geweest. (Heeft er ooit een Europese dame om die reden geweigerd een parelcollier te dragen?) Maar als een werkgever zijn personeel niet meer in eigendom heeft ziet hij vaak nog minder reden om er goed voor te zorgen. Om een rapport van de VN uit 2013 te citeren: ‘Bij veel migranten worden op hun arbeidsplaatsen de mensenrechten geschonden; sommigen krijgen hun loon niet, of er wordt minder betaald dan overeengekomen.’ Sindsdien is er wel wat verbeterd, maar de behuizingen, werktijden, arbeidsvoorwaarden en zorg laten voor deze groep nog steeds te wensen over. Niet anders dan in Europa dus, maar daarginds is het nog wat erger. Daarentegen laat men er geen bootvluchtelingen verdrinken, maar dat komt vooral omdat die er sowieso niet naar toe varen. Democratie bestaat er niet.
Al met al een land zoals 20% der Nederlanders zich zou wensen, behalve dan dat er veel meer vrouwen studeren dan Nazi‘s prettig vinden.

Waren er niet 6500 arbeidsmigranten gestorven bij de bouw van voetbalstadia? Dit aantal is in het leven geroepen door een oud artikel in The Guardian, een doorgaans nette krant, die zich hier toch even door sensatiezucht liet meeslepen. Later corrigeerden ze zich: het ging om het aantal doden onder alle arbeidsmigranten uit Pakistan, Sri Lanka, Nepal, India en Bangladesh over een periode van tien jaar. Maar toen hing dat gruwelgetal al in de lucht en in het Westen pikte men het gretig op. Het is altijd prettig te horen dat anderen slechter zijn dan wij.

Met de vrijheid van meningsuiting is het wat dubbel: enerzijds mag men natuurlijk niets tegen de regering of de islam zeggen—maar wie zou deze zegenbrengers willen kritiseren?—, anderzijds stond Qatar altijd open voor mensen die elders niet getolereerd werden. Dat gold voor de Muslim-broeders, de Taliban en voor de bekende mufti Yusuf al-Qaradawi. En sjeik Hamad, de vader van de huidige emir, stichtte en financierde ook de nieuws- en actualiteitenzender Al-Jazeera, de eerste en enige in de Arabische wereld die op professionele wijze aan bijna onpartijdige nieuwsgaring doet—al is het natuurlijk niet de bedoeling dat men de Qatarese overheid kritiseert. 

Homoseksualiteit is in Qatar strafbaar, wat behalve de Nazi‘s iedereen in het Westen heel erg zegt te vinden. Maar wat precies is strafbaar?
Qatarezen zijn Arabieren en Moslims, en hebben dus in principe uit de oude tijd de makkelijke omgang met de gelijkgeslachtelijke liefde geërfd. Volgens de Sharia-geleerden is buitenechtelijk neuken verboden, maar iedereen kon in de praktijk rustig zijn gang gaan, inclusief die geleerden zelf—met soortgenoten makkelijker dan met vrouwen. Wat nooit verboden was waren warme vriendschappen tussen leden van het zelfde geslacht, inclusief handje vasthouden, knuffelen en kussen, en dan nog die ‘seksuele handelingen’ waarover men niet sprak. (Zie over dit onderwerp verder hier.) Maar wat een pech voor de Qatarezen: eerst werd hun land gekoloniseerd door die strenge Wahhabieten en vervolgens nog door de Britten, die er grote brokken moraal achterlieten.
Artikel 296 van het Wetboek van Strafrecht (Wet 11/2004) bepaalt een gevangenisstraf tussen éen en drie jaar voor het aanzetten tot buitenechtelijke seksuele handelingen. (dus niet: geaardheid.) Over die handelingen zelf, die toch wat anders zijn dan het aanzetten tot, vond ik niets, maar u moet het me maar vergeven: ik ben geen jurist, laat staan een kenner van het Qatarese recht. Ik zie nog wel dat volgens artikel 298 de straf voor professionele prostitutie en pooien kan oplopen tot tien jaar.1 Dat is dan het wereldse recht. Voor moslims staat er onder het religieuze Sharia-recht als vanouds de doodstraf op homoseks, maar die wordt nooit toegepast.

Wat het meest ongenietbaar gevonden wordt is homoseksualiteit in westerse stijl: een ‘geaardheid,’ een ‘identiteit,’ alles expliciet maken, een hoop lawaai, vlaggetjes en zo’n holier-than-thou-armband. Verder heerst er natuurlijk klassenjustitie. De Qatarese emir Tamim, die als kroonprins ooit was opgevallen wegens herrie schoppen in een gay bar in Londen, heeft zeker nooit ergens last van gehad. Betrapte gastarbeiders worden het land uitgezet; dito buitenlandse studenten genieten soms de bescherming van hun veelal Amerikaanse universiteit. Hoe de praktijk er in Qatar verder uit ziet weet ik niet, maar in het aangrenzende, strenge Saoedi-Arabië wisten en weten de heren met betrekkelijk gemak aan hun gerief te komen. Ook in Qatar zullen leden van het Herrenvolkje wel wegen weten te vinden om uit de bak te blijven, als ze goede contacten hebben. Tijdens de WK voetbal kunnen er wel wat provocerende fans uit het Westen in regenboogshirts gearresteerd worden. Wie weet worden ze dan in de cel mishandeld, waarmee maar weer eens zou zijn aangetoond wat een erg land dat Qatar is. Zij hun zin. Dat het erg is leest u bij voorbeeld hier; dat het wel meevalt hier. Duidelijk is wel dat het verontwaardigde geloei van het onschuldige Westen het de homoseksuelen in Qatar niet makkelijker maakt.

NOOT
1. Art. 296: Whoever commits the following offences shall be punished with imprisonment for a term of no less than one year and no more than three years: 1 – Grooms a female to commit adultery; 2 – Instigates, induces, seduces a female in any way to commit adultery or to frequent a brothel in order to commit debauchery whether inside or outside the country; 3 – Leading, instigating or seducing a male by in any way to commit sodomy or dissipation; 4 – Inducing or seducing a male or a female in any way to commit illegal or immoral actions; 5 – Bringing, exposing or accepting a male or a female for the purpose of sexual exploitation.
Art. 297: Whoever commits any of the offences mentioned in the preceding Article through compulsion, duress or ruse or if the victim is under sixteen of age or the offender is one of the previously mentioned in Article 279 of the present Law, where the offender is assumed to know the real age of the victim, shall be punished with imprisonment for a term up to fifteen years.
Art. 298: Whoever performs adultery or sodomy as a profession or for a living shall be punished with imprisonment for a term up to ten years. The same penalty shall be imposed on any person who exploits another person’s immorality and prostitution.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Islam, Media Medien, Nabije Oosten, Ostwestliches, Slavernij

Godgeleerdheid in Marburg

Voor het kerstconcert van het grote koor waar ik ook in zing is een location gevonden. Het is de grote hal van de Evangelische Hogeschool Tabor, bovenop de heuvelrug schuin achter mijn woning. Een echte halleluja-garage (dixit Daniel), verwarmd en wel. De naam Tabor is natuurlijk ontleend aan de berg Tabor in Palestina, waar volgens een oude overleving de transfiguratie des Heren plaatsvond.

Ik wist wel dat daar evangelische (evangelical) christenen zitten, maar dat ze een echte hogeschool hebben, die tot academisch erkende titels opleidt, wist ik niet. Dat betekent dat je op drie manieren theologie kunt studeren in Marburg. Aan de universiteit heb je de eerbiedwaardige evangelische (protestantse) theologie, in 1527 de reden om deze universiteit te stichten, en sinds 1963 de riant behuisde katholieke theologie, een vestiging van het bisdom Fulda. Beide zijn royaal voorzien van hoogleraren, ruimten, bibliotheken enzovoort, maar niet zo zeer van studenten. Geeft niet, want ze worden betaald uit de kerkbelasting, en de katholieken misschien ook nog vanuit het bisdom. Daar is het onderwijs zoals overal aan de universiteiten gratis. Op de hogeschool in Tabor kost het bijna € 1000 per semester, maar daar vind je dan ook het ware geloof en de christelijke blij-hij-heidschap! Jubelchristendom à l’américaine. Aan een universiteit is immers nog altijd verdacht veel wetenschap te vinden.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Godsdienst, Marburg, Universiteit, Zingen

Zagen, zagen, wiedewiedewagen

Bij welke glorieus stukje geschiedenis dit plaatje hoort weet ik niet. Een heiligenlegende? Duidelijk is wel dat de mensheid het een stuk makkelijker heeft gekregen sinds de uitvinding van de kettingzaag.

2 reacties

Opgeslagen onder De mens, Geschiedschrijving, Kunst

Hoe gaat het nu?

Gisteren bij de kooruitvoering was ook Heike weer aanwezig. Ze heeft normaal meegezongen en zelfs een kleine solo ten beste gegeven. We hadden haar bijna twee jaar niet gezien, want ze had Long COVID. Via via heb ik wel gehoord hoe het ging: haar stembanden waren niet aangetast, de longfunctie ook niet, maar het middenrif wel, en dat belette haar normaal te ademen en verklaarde de voortdurende vermoeidheid. Als ik het goed heb begrepen en samengevat tenminste. Ze wilde nog leven, ze wilde zingen en heeft dus eindeloos veel oefeningen gedaan, met behulp van fysiotherapeuten en ook haar zanglerares, die tevens onze dirigente is. Het resultaat mag er wezen, al heeft het heel lang geduurd; maar dat schijnt normaal te zijn. Ze ziet er wel wat meer dan twee jaar ouder uit en is in de pauze even op haar rug op een kerkbank gaan liggen, maar ze deed weer normaal mee. Ook bij het etentje na afloop was ze aanwezig.

Ze was er dus weer en mensen vroegen haar: Hoe gaat het nu met je? Dat was oprechte belangstelling, niet een betekenisloos how are you. Maar het bracht haar tot vertwijfeling, en na een paar keer uitleggen zei ze: die vraag krijg ik twintig keer per dag; alsjeblieft, vraag het niet!

Begrijpelijk. We zagen en hoorden toch allemaal ‘hoe het ging’. In zulke gevallen dus je blijdschap beter niet in vraagvorm gieten, maar misschien zoiets zeggen als: Ha, Heike fijn, dat je er weer bent. Of alleen verwelkomend toeknikken, dat kan ook.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Gezondheid

800 jaar Marburg

Onze bijdrage tot de 800-jaar-Marburg herdenking, in de Universitätskirche: muziek van ongeveer achtonderd jaar oud. We hebben prachtig gezongen, al zeggen wij het zelf. Voor het eerst had ik het idee dat ik het kón, op één loopje na. Omdat de uitvoering op zondagmiddag plaatsvond hing er wat restwarmte van de kerkdienst ’s ochtends. Ook de aerosolen van de gelovigen zullen er nog rondgehangen hebben. Dinsdag maar weer even testen.

We werden begeleid door drie fantastische instrumentalisten, wier namen ik hier in herinnering wil houden: Christine Vogel, fiedel en rebec; Sebastian Kausch, fluiten; Yoshio Takayanagi, luit. Vooral de fluitist was geweldig goed. Hij had een aantal (nagebouwde) middeleeuwse fluiten bij zich, proto-blokfluiten dus als het ware, die hij om beurten inzette. Ik weet hoe moeilijk het is aan deze primitieve instrumenten zuivere tonen te ontlokken. Hij had er niet één valse, en dat was pas het begin van zijn prestatie.
Bij deze mensen geen gezeur over de temperatuur in de kerk. De fluitist had een soort elektrisch kussen bij zich waarin hij de fluiten op temperatuur hield en de anderen stemden af en toe even opnieuw.

Ik kreeg een complimentje voor mijn zingen van de luitenist; dat doet me wel wat. Binnen het koor delen we natuurlijk nooit complimentjes uit, en zangleraren en dirigenten gaan uit van het principe: Als ik er niks van zeg is het in orde.

Als altijd voor het archief een lijstje, alleen van de muziekstukken die ik heb meegezongen. Van deze zeer oude muziek zijn er maar weinig opnamen in omloop en dan vaak nog anders dan hoe wij het zongen. De vrouwen zongen nog werken van Hildegard van Bingen en twee oude Hongaarse volksliederen, en de bassen hadden hun eigen bijdragen.

Organa:
Soli nitorem, tenor en alt, geen opname.
(Leoninus?), Fuit homo missus a deo cuius nomen Johannes erat, tenor met basso ostinato, geen opname, eerder vermeld. Lijkt het meest hierop.

Troubadoursliederen:
Penser ne doit vilenie tenor, refrein door sopraan
Bele Douette tenor, refrein door sopraan.

Cantigas de Sta. Maria (Alphonso el Sabio): verschillende opnames geven een indruk, bij voorbeeld deze of deze.
Sovrana li’ ne’ sembianti, sopraan, refrein door tenor, geen opname gevonden
O que a Santa Maria tenor, refrein door sopraan, geen opname gevonden

Ter ere van de H. Elisabeth, Marburgs beschermheilige van achthonderd jaar geleden:
Super regem, bas, met éen obstinaattoon door tutti
Lac fluentis, mel manantis, éen obstinaattoon door tutti
Hospitale constituit, nr. 2, éen obstinaattoon door tutti
Quibus virtus aberat, nr. 4, éen obstinaattoon door tutti
O beata sponsa Christi, tenor
Gaude caelum, terra plaude tutti

Inderdaad heeft de H. Elisabeth ± 1200 in Marburg een ziekenhuis gebouwd en ze is zelf ook in de verpleging werkzaam geweest. Daarom heten nog veel ziekenhuizen Elisabethgasthuis en dergelijke.

De Hongaarse opnamen zijn wat mat. Een veel verbreid misverstand is dat middeleeuwse, en vooral geestelijke muziek altijd etherisch of sereen moet klinken. Niks hoor, die laatste stukken moeten gejubeld worden, en vele andere ook.

2 reacties

Opgeslagen onder Marburg, Zingen

Iran 2010 – Khomeini

Naar verluidt is het geboortehuis van Khomeini in de fik gestoken. Iran zal echt wel een dictatuur blijven, maar het laagje islam wordt er geleidelijk afgekrabd.

Herblog van 29.5.2010:

Khomeini is dood sinds 1989; het ergste is voorbij. Het prettige van zo’n mens-god is dat hij na korte tijd vanzelf verbleekt. Echte goden hebben een veel langere halveringstijd. Maar bij Mao, Atatürk, Saddaam en al die anderen komt al gauw de mot erin. Bij Lenin hebben ze de stekker eruit getrokken, Hitler heeft zichzelf verdünnisiert. Ook het Iraanse stuk chagrijn zal wel eens verdwijnen. Nu staat zijn konterfeitsel nog overal, in grote formaten, vaak samen met zijn opvolger. De belangrijkste straat van een stad heet altijd Imam Khomeini Boulevard. Op alle bankbiljetten staat hij nog, maar op de postzegels die ik kocht waren alleen tropische vissen te zien. Het begin is er.

Wij reden toevallig langs Khomein en besloten K.’s geboortehuis te bekijken. Een groot en mooi huis; van arme komaf was hij dus niet. Het pand was tiptop gerestaureerd en tot museum verklaard, maar wij waren de enige bezoekers. De kamers waren allemaal volledig leeg, op wat jeugdfoto’s van de god-ayatollah na. Gelukkig was er een goede ijssalon in het stadje. Wat is dat nou voor een dictatuur? Ik had een zesbaans autosnelweg naar dat huis verwacht en bussen vol zingende schoolreisjes; maar nee, niets van dat alles.

Het graf dan, het mausoleum? In islamitische omgevingen is immers niet het geboortehuis van belang, maar het graf, dat wordt bezocht om de zegen van de overledene te verwerven. Daar zag de wereld er meer naar verwachting uit. K’s mausoleum hadden we in de nacht van aankomst al gezien, op de weg van het vliegveld naar Teheran. Het kon niet onopgemerkt blijven: het is enorm en hel verlicht. We besloten er op onze weg naar het zuiden even langs te gaan. Dit gevaarte had in Noord-Korea niet misstaan; het is inderdaad mega-giga-reusachtig! Het heeft de minderwaardige architectuur van echte dictaturen. Hoe kun je minaretten van 91 meter met echt goud bekleden? Dat is zelfs voor een oliestaat te duur, dus had men een goedkoop uitziende, matgouden kunststof gekozen. Het hele gevaarte, waarmee in 1989 meteen werd begonnen (had de oude het zelf nog gepland?) is nog lang niet klaar; blijkbaar heeft de voltooiing geen hoge prioriteit. Hoeveel mensen zouden erin gaan? Tienduizenden? Ja, dat moet wel, want er zijn 20.000 parkeerplaatsen voorzien, ook voor de universiteit en de andere voorzieningen natuurlijk, die hier gepland, maar nog niet te zien zijn. De Noord-Zuidlijn van de Teheranse metro is hierlangs doorgetrokken; zit die ooit vol tot hier? In elk geval waren er op het ogenblik van ons bezoek maar enkele tientallen mensen aanwezig, die naar sekse gesorteerd de dode beweenden en door aanraking van de reusachtige tombe zijn zegen hoopten te verkrijgen. Op het parkeerterrein kampeerden wat mensen, in van die vierkante Amerikaanse tentjes. Het bleken lange-afstandsreizigers te zijn, die hier bewaakt konden kamperen, gratis gebruik konden maken van de faciliteiten en ook gratis maaltijden kregen.

Wat misschien ook wijst op het verbleken van Khomeini – als ik het goed zie; ik ben geen Iran-kenner – is de ‘reclame’ die overal op posters gemaakt wordt voor de Vilayet-e faghihDit is een politiek ideetje dat niet goed paste in de traditionele sjiïetische Islam, maar dat Khomeini uitgewerkt had om zijn greep naar de macht te legitimeren. Het komt erop neer dat de hoogste geestelijke van het land tevens de hoogste wereldse macht bekleedt. Dat voor dit concept nu al reclame moet worden gemaakt betekent dat het niet meer vanzelfsprekend is zoals voorheen, of overinterpreteer ik nu?

Maar wat mollahs en ayatollahs onder elkaar discuteren wordt sowieso onbelangrijker. Iran wordt steeds meer een ordinaire militaire dictatuur, met een kwak religie er overheen als decoratie.

2 reacties

Opgeslagen onder Iran

Mini-herinnering: Amerika in de RAI

In 1963 bezocht ik een grote tentoonstelling van Amerikaanse voedsel- en landbouwproducten in de Amsterdamse RAI. Daar werd als aardigheidje ook een van de eerste ruimtecapsules tentoongesteld, en Amerikaanse mode. Alles werd er gul aangeboden: vruchtensap, soep, kip en kalkoen. Ze hadden zo’n kippenbar, met een stuk of twintig naakte kippetjes draaiend aan een spit. In 1965 kocht ik zelf ergens een halve kip in een kippenbar; de reclame werkte dus inderdaad.
Er was een enorme, functionerende supermarkt. In die tijd waren er nog weinig supermarkten in Nederland, en zeker niet zulke grote. De overdaad, de rijkdom, de grootte, die vond ik wel indrukwekkend, hoewel er niet echt iets te zien was dat ik had willen hebben.  Op zeker moment had ik een flesje geconcentreerd citroensap in mijn handen, waarvan ik geen idee had waarvoor dat goed zou zijn. Ik heb het maar weer teruggezet.
De tentoonstelling kwam op een moment dat de sjofele naoorlogse economie geleidelijk plaatsmaakte voor nieuwe welvaart en rijkdom. 
Natuurlijk was dit Amerikaanse propaganda: ‘Amerika brengt u het goede der aarde.’ Het ging er natuurlijk om, hun spullen hier te verkopen. Hoewel we ons tegenwoordig moeilijk kunnen voorstellen dat je fruit uit Florida zou importeren was dat toen misschien het geval. Mensen kochten ook Amerikaanse auto’s, wat nu maar zelden meer gebeurt. Maar vermoedelijk zat er meer achter die tentoonstelling: de hele American way of life en de transatlantische vriendschap moesten blijkbaar bevorderd worden. Dat is wat Nederland betreft erg goed gelukt.

Koningin Juliana inspecteert een ruimtecapsule. (Ik vind die hofdame zo leuk!)

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Amerika, Eten en drinken, Nederland

Personeelsgebrek

Brood koop ik meestal bij bakkerij S. Dat is een grote keten van bakkerijen; in mijn omgeving zijn er vijf filialen, die ik allemaal wel eens bezoek. Is het niet sympathieker om bij een kleinere bakker te kopen? Ja, maar de kleinere bakkerijen zitten vaak ook in een keten, en van de twee werkelijk zelfstandige zit er een te ver weg en is de andere niet zo goed. Keten of niet, S. heeft toch het beste brood.

In de loop van de tijd heb ik dus heel wat broodverkoopsters gezien. Traditioneel wordt de verkoop in zo’n filiaal namelijk geleid door een mevrouw van een jaar of veertig, vijftig, en zijn de medewerksters meestal jongere vrouwen, vaak meisjes nog. Keurige personen, met goede kennis van de vele broodsoorten die zij verkopen. Blijkbaar gaan ze bij S. eerst op cursus.

Maar bakkerij S. had blijkbaar als zovele firma’s te kampen met personeelstekort. Ze hadden een in het oog lopende advertentiecampagne voor de verkoopafdelingen, en die heeft blijkbaar wat opgeleverd. Er kwamen meisjes met grote oorbellen, of een hoofddoek op. Eerst waren die me niet opgevallen: je ziet tegenwoordig overal meisjes met hoofddoeken, maar bij nader inzien was dit wel een verandering in het personeelbeleid. Eerst waren de verkoopsters namelijk allemaal meelblank en droegen ze geen opvallende sieraden. Nu is er echter een nog duidelijker verandering in het personeelsbeleid: de mannen zijn door het glazen plafond gezakt! Ik heb de afgelopen weken al vijf mannelijke broodverkopers gezien. Twee daarvan zijn gewone, wat matte jongens van een jaar of twintig die ook in een supermarkt hadden kunnen werken. Een andere is een getatoëerde gast die het werk met tegenzin doet. Geen blijvertje, dunkt me. Een andere is een sportief voetbal-type. Niks op tegen, die kan prima brood verkopen, maar is niet het soort mens dat je in een bakkerswinkel zou verwachten. En nummer vijf is ronduit extravagant: een man van een jaar of veertig, gebruinde kale kop, met breed uitgegroeide bakkebaarden, een kunstenaarstype. Een vrolijke kwant, die geweldig veel energie en enthousiasme voor de broodhandel uitstraalt. Broodkennis heeft hij ook in ruime mate. Een aanwinst denk ik. Maar de drie laatstgenoemde mannen waren vóór Corona volkomen ondenkbaar geweest in deze branche. De nood was blijkbaar hoog bij de firma S. en ze hebben heel andere lagen van de bevolking aangeboord. Onbedoelde diversiteit.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Economie/Wirtschaft, Eten, Marburg