Categorie archief: Kunst

Antisemitisme in Kassel, vervolg

(Vervolg op Documenta-schandaal)

Vanavond, zo verneem ik uit de nieuwsberichten, zal in Kassel een grote discussie beginnen over antisemitisme op de Documenta. Die was al eerder gepland, maar was toen niet doorgegaan, omdat het panel te eenzijdig was: de Zentralrat der Juden was namelijk niet uitgenodigd. Dat zal nu anders zijn. Alleen zullen ditmaal de Indonesische organisatoren van de Documenta niet aan de discussie deelnemen. Over eenzijdigheid gesproken.

Er zal worden gespeurd naar verdere antisemitische werken. Een Palestijns kunstwerk dat op Guernica-achtige wijze een tafereel weergeeft van Israëlische soldaten die Palestijnen belagen zal moeten worden verwijderd. Dat is ook antisemitisme. Nou breekt mijn klomp, of, zoals ze hier zeggen: mich knutscht ein Elch. Doel van de discussie is beperking van de schade, maar die wordt volgens mij alleen maar groter.
Zo’n discussie was toch een mooie gelegenheid geweest, kunstenaars en organisatoren eens uit te leggen, waarom de betreffende afbeeldingen hier als kwetsend worden ervaren. Zij van hun kant hadden dan kunnen uitleggen wat zij tegen Israëlische soldaten hebben.
O nee, dat kan natuurlijk nooit, want de schanddaden van Israël zijn onbespreekbaar. Vandaar dat de discussie eerder het karakter zal hebben van een tribunaal.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Duitsland, Kunst

Documenta-schandaal

Op een uur sporens van Marburg ligt Kassel. Dat moet vroeger een prachtige stad geweest zijn, maar na de bombardementen in de Tweede Wereldoorlog is het dat niet meer. Men probeert het verlies te compenseren met eens in de zoveel jaar iets moois: de grote kunstttentoonstelling Documenta. Een mondiaal gebeuren, steeds meer staat de wereld buiten Europa in het middelpunt. Dit jaar heeft het Indonesische kunstenaarscollectief Ruangrupa de organisatie op zich genomen. Kort na de opening is er echter een schandaal ontstaan dat zeker nog lang zal nagalmen. Er zijn nu al mensen teruggetreden resp. ontslagen. Een kunstwerk van de groep Taring Padi, overigens al eerder in Australië tentoongesteld, is nu ijlings verwijderd, want het zou antisemitische afbeeldingen bevatten; andere werken hebben een anti-Israëlische tendens. Geen wonder, want die laatste zijn van Palestijnse kunstenaars.

Tja. Als ik de gewraakte afbeeldingen bekijk zie ik dat zij inderdaad vaag herinneren aan de beeldtaal van de Nazi’s in de dertiger jaren. Dat is ongelukkig. Maar de boodschap, bij voorbeeld van die Joodse man met de runen SS op zijn hoed, is moderne Israël-kritiek. De afbeelding wil attenderen op de continuïteit: Israël heeft de methoden van de SS overgenomen. Dat is weliswaar sterk overdreven: Israël doet immers niet aan genocide en vernietigt iedere week slechts een beperkt aantal Palestijnse levens, maar vol racistische haat zit het land zeker, en een kunstenaar mag zijn boodschap toch wel scherp aanzetten? En zeker in een werk dat de Apolcalypse wil verbeelden. De werken van de Palestijnse kunstenaars zijn niet antisemitisch in de Europese traditie, maar gewoon anti-Israël. Het lastige is echter dat Israël wereldwijd, maar zeker in het nog altijd bedremmelde Duitsland, heeft weten te door te zetten dat kritiek op Israël identiek is met de doodzonde van het antisemitisme. Dat is het niet.  

Antisemitisme of niet, ik weet het niet en ga er niet over; ze bekijken het maar. Wat mij vooral trof bij de rel, die deze Documenta misschien blijvend zal belasten, dat men enerzijds de wens heeft de buiten-Europese wereld in huis te halen, maar die anderzijds toch niet wil horen en gauw weer monddood maakt als zij zich uit. En nog wel naar aanleiding van wat voor de Indonesische kunstenaars iets marginaals zal zijn, want het antisemitisme en andere thema’s van de Europese geschiedenis betekenen daar niet zoveel. Indonesië heeft zo veel eigen pijnlijke herinneringen: de koloniale tijd met al zijn oorlogen, de hongersnood van de jaren ‘40 (2.500.000 doden), de bersiap-tijd, de nog steeds niet verwerkte massamoord van 1965–66 (schattingen 500.000–3.000.000 doden), de dictatuur van Suharto; en ja, de kunstenaars daar leven soms ook mee met uitgebuite en onderdrukte volkeren wereldwijd, dus ook met Palestina. In Jakarta was er een paar jaar geleden een café dat met hakenkruisen was gedecoreerd, zomaar voor de aardigheid. In menig Arabisch land heb ik positief over Hitler horen spreken, evenals in Iran, en India imiteert bewust en openlijk Nazi-praktijken tegen de 180 miljoen moslimse inwoners. ‘Kristallnachten’ vinden er regelmatig plaats en de genocide is al aangekondigd. Bundeskanzler Scholz heeft preuts te kennen gegeven dat hij, o nee!, zijn handen niet vuil wil maken op de Documenta, maar heeft wel de hand geschud van de Indiase opperboef Modi, die hij heeft ontvangen en een ‘centrale partner’ heeft genoemd.

Wil men de buiten-Europese wereld horen, dan moet men soms onaangename dingen voor lief nemen. Of anders gezellig onder elkaar blijven in het moreel zo zuivere eigen werelddeeltje, met zijn 20% Nazi’s, zijn racisme en zijn geknoei met vluchtelingen. Waar men graag ‘Aziatisch’ eet, maar met heel weinig sambal.

NABERICHT: Juist hoor ik dat het Duitse Goethe-Institut de Palestijnse schrijver Muhammad al-Kurd heeft afgezegd (ausgeladen) voor een grote conferentie in Hamburg. Daarop wilden heel veel andere gasten ook niet meer komen, en nu blijft er slechts een mini-conferentie over. Moeilijk hoor, de buitenwereld.

Vervolg hier.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Duitsland, Kunst

In Parijs (3): Boldini

Op Hemelvaartsdag zouden we ’s middags zingen; de ochtend was dus vrij om iets te bekijken. Uit het grote aanbod koos ik spontaan de Boldini-tentoonstelling in het Petit Palais, gearrangeerd rond Les plaisirs et les jours van Proust. Wie Boldini (afb. 1) niet kent, kent misschien toch een werk van hem, want hebt u wel eens het bekende portret van Verdi gezien (afb. 2)? Dat is van hem; hij heeft er ettelijke geschilderd. Giovanni Boldini (1842 Ferrara–1931 Parijs) was een bekend portretschilder van beroemdheden en mondaine persoonlijkheden (afb. 3–6). Veel misschien keurige dames lieten zich graag glamoureus door hem schilderen (afb. 5–7).
En Sem! Van Sem, alias George Goursat (1863–1934), de eertijds beroemde caricaturist die met Boldini bevriend was, hing er ook een en ander (afb. 8–9). Hij heeft zijn vriend niet gespaard.

Dat was mooi, maar het was naar mijn gevoel meer dan een een geslaagd bezoek aan een mooie tentoonstelling. Ook hier was ik weer een halve eeuw teruggegaan, naar de tijd dat ik óók Boldini bekeek, samen met een kunsthistorische vriend die zich op hem specialiseerde en met wie ik mocht meekijken; naar de tijd dat ik me ook met het Parijs van de Belle Epoque bezighield en de stad regelmatig bezocht. Wat me al te vaak daarvan afhield was dat ik Arabisch deed en steeds Arabische landen moest bezoeken. Dat is nu van mij afgevallen en ik kom steeds meer terug in Europa.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Europa, Kunst, Parijs

Opera in Marburg

Veel steden in Duitsland hebben een eigen opera, maar Marburg is daar toch echt te klein voor. De dichtstbijzijnde is in Gießen: een zeer verdienstelijke instelling met goede vaste zangers. Gisterenavond heb ik hier voor het eerst een opera gezien en gehoord in een bioscoop. De Metropolitan Opera van New York zorgt dat zij uit de kosten komt door in vele landen over de hele wereld live uit te zenden wat daar gebracht wordt. En die kosten moeten immens zijn, want de opera in kwestie was Puccini’s Turandot, een spektakelstuk dat in het keizerlijke Peking speelt. Er waren twee decors, beide zeer ingewikkeld en prachtig: een fantastisch hof in Peking, en daarbij talloze prachtige kostuums, mandarijnen, dansers, hofdames, ambachten, militairen, acrobaten en natuurlijk het ‘volk’, en men had de aller-, allerbeste zangers geëngageerd. Met het echte China hebben noch het libretto, dat teruggaat op een stuk uit de achttiende eeuw, noch de enscenering iets te maken: het was puur oriëntalisme en dat wilde ik niet missen. Ook de muziek is rijkelijk oriëntaliserend, besefte ik tijdens het luisteren. De muziek is mij zeer vertrouwd, daarom had ik die allang niet meer als afwijkend ervaren, maar voor de eerste hoorders (in 1926) moet deze opera rijkelijk exotisch hebben geklonken. In de pauze ging de camera achter de coulissen en toonde de opbouw van het keizerlijk hof in drie kwartier, door een man of veertig. Mijn begeleiding vond het decor te overdadig, maar ik niet. De in Europa verzonnen Oriënt is niet compleet zonder pracht en praal en ja: kitsch. Bovendien is iédere opera een spektakel; de Amerikaanse commentaarstem sprak van show, en dat is het precies. Broadway, maar met betere muziek en minder bloot.

In een verhaal uit de Duizendeneen Dag is Turandot is de dochter van de keizer van China, die iedere vrijer liet onthoofden die niet haar drie raadsels kon oplossen. De Tartaarse prins Calàf lukt dat uiteindelijk wel. Niet dat hij haar daarna meteen krijgt: de plot is behoorlijk ingewikkeld en zeer ongerijmd, zoals dat hoort in een opera; die ga ik hier maar niet navertellen, maar hij krijgt haar toch en iedereen leeft nog tienduizend jaar en gelukkig. Behalve de slachtoffers van het terreur-regime dan, maar daar denken we niet meer aan.

De rol van Turandot had gezongen zullen worden door de wereldvermaarde Anna Netrebko, een Russische, die bevriend was met Poetin en zich te laat van hem heeft gedistantieerd. Haar deelname werd dus afgezegd en er moest in allerijl een vervangster gevonden worden. Er zijn wereldwijd niet zo heel veel sopranen die die rol op korte termijn kunnen zingen, maar men wist een Oekraïense zangeres te engageren die de rol jaren geleden een paar maal gezongen had: Lyiudmyla Monastyrska. Ook een beroemdheid, maar niet zo zeer voor dit vak. Ze zong maar een fractie minder goed dan Netrebko en was soeverein in de rol; het was een plezier om naar haar te luisteren. Het enige was dat zij wat ouder en uitgesproken corpulent was, wat haar verschijning als ijskoude, maar begeerlijke prinses wat minder overtuigend maakte. Maar la Netrebko is de laatste tijd ook wat gevulder geworden, dus niet zeuren. Dat Monastyrska Oekraïense was bleek ook bij het slotapplaus, toen zij zich in een grote vlag van haar land hulde, wat nog eens te meer leidde tot een stormachtig applaus en gezwaai met blauw-gele vlaggetjes in de zaal. Ik vind dat vlaggengedoe nooit zo fijn; het is mij wat te vrijblijvend ‘Je suis Charlie’-achtig, terwijl men dat helemaal niet is.
Een onvoorzien aardigheidje in het libretto is overigens dat de beul Pu-Tin-Pao heet; wie zou daarbij niet denken aan?

Oriëntassociaties die ik kreeg tijdens het luisteren:
– De Oriënt-mode eind negentiende eeuw. Café’s en badhuizen werden ingericht in oriëntaalse stijl. China was in, ook de onzegbare wreedheid die aan dat land werd toegeschreven. De gedachte dat een ver land veel wreder is dan het eigen land wil er altijd wel in. (In deze opera verheugt het volk zich op de volgende terechtstelling.) Octave Mirbeau, Le jardin des supplices speelt deels in China, al worden de folteringen toch overwegend door een Europese bedacht.
– De wereldtentoonstellingen brachten eind 19e eeuw nieuwe toonladders naar Europea. Debussy adopteerde de Javaanse gamelan, dat is bekend, maar hij was de enige niet. Europa was moe van het gangbare toonsysteem, zocht vertwijfeld naar iets anders (Scriabin, Schönberg) en daarbij kwam de Oriënt vaak goed van pas.
– De vertalingen van Chinese poëzie door Hans Bethge waren begin 20e eeuw erg populair. Mahler verwerkte ze in zijn Lied von der Erde, maar ook ettelijke andere componisten zijn erdoor geïnspireerd. (Ook in mijn eigen oriëntaalse droom, toen ik zestien was, speelden ze een rol.)

Voor het archief: Marco Armiliato, dirigent; Franco Zeffirelli, regisseur; Liudmyla Monastyrska, Turandot; Yonghoon Lee, Calàf; Ferruccio Furlanetto, Timur; Ermonela Jaho, Liù.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder China, Kunst, Muziek, Orient, Zingen

Gelnhausen, wandtapijt

Ter gelegenheid van Goede Vrijdag vandaag enige stukken van een wandtapijt dat zich in de Mariakerk te Gelnhausen bevindt. Dat heb ik dinsdag bezocht. Het is van die aardige kleine stadjes waaraan Duitsland zo rijk is. Er staat een eigenlijk veel te grote kerk in; dat komt denk ik omdat hier ooit een Kaiserpfalz was. Keizer Barbarossa (1155–1190) is hier een tijdje neergestreken in een soort stacaravan van steen; niet helemaal wat je keizerlijk zou noemen. In ieder geval gaf hij Gelnhausen stadsrechten en liet ook die grote en prachtige kerk bouwen, aanzienlijker dan zijn eigen optrekje. Daarin bevinden zich wel vijf prachtige altaarstukken, en ook twee lange, vijftiende-eeuwse tapisserieën, éen voorstellende de aankondiging en geboorte van Christus en de andere het lijdensverhaal.

Click to enlarge!

1 reactie

Opgeslagen onder Christen Christelijk Christendom, Kunst

Optrekjes

In landen met grote, onderbetaalde bevolkingen, zoals Egypte, Brits- en Nederlands-Indië, konden bouwheren en architecten eens lekker uit hun dak gaan. Zowel arbeiders als materialen waren spotgoedkoop.

Het Sakakini-paleis in Cairo

.

De Indisch geïnspireerde Belgische bonbon van baron Empain in Heliopolis, bij Cairo

.

Victoria Station in Bombay. Het ding is zo groot dat het niet eens op de foto paste.

.

De villa Isola in Bandoeng, Nederlands-Indië. 1938, je kunt wel zien dat de NSB sterk was in Indië.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Cairo, Kunst

Zo mooi

Zó mooi, deze foto, die moet ik gewoon even doorgeven. Angela Merkel op bezoek bij vissers, 1990.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Duitsland, Kunst, Politiek

Varieté

Dat was weer eens een merkwaardige Marburger avond. Een goede kennis kreeg een onderscheiding, een lintje zeg maar, al viel er niets op te spelden. Daartoe was een huldiging gepland met een buffet en daarna een varieté-avond. Dat alles in de open lucht, vanwege u weet wel. 

Het gebeurde in een restaurant dat was ingericht in een voormalige loods van de spoorwegen, waar vroeger spoorwagons in hadden gestaan. Daaraan vastgebouwd is een klein, intiem theater, maar dat kon wegens Corona niet worden gebruikt. Buiten dus. Ik ben inmiddels lang genoeg in Marburg om te weten dat ik me heel warm moest aankleden. Het weerbericht, nog om drie uur geraadpleegd, wist te vertellen dat het tot vijf uur zou regenen en daarna niet meer. Niets bleek minder waar; de toekomst voorspellen lukt nog steeds niet. De regen begon pas toen ik om tien voor vijf de woning verliet, zodat ik nat aankwam, en daarna werd hij heviger, zodat de toespraak van de vertegenwoordigster van het ministerie nauwelijks te verstaan was wegens het gekletter op het glazen dak. Was niet erg. De lofrede op de geëerde daarna was mooi en werd luid en duidelijk uitgesproken, door een echte zangeres, dus wat wil je. Dit gebeurde natuurlijk toch binnen, maar dat ging goed, want het gebouw is zeer ruim en bood met openstaande deuren voldoende lucht. Daarom was het ook gekozen: er zijn hier in de stad niet zoveel horeca-gelegenheden waar vijftig personen met veel ruimte in kunnen worden ondergebracht. Zo was het begrijpelijk dat men deze zaak had uitgezocht, die niet beroemd is om zijn goede eten. Inderdaad was het buffet zeer matig, maar dat mocht de pret niet drukken.

En toen het varieté. Inmiddels regende het niet meer, dus we gingen naar buiten, waar het theater zich alternatief had ingericht met een grote tent als toneel en rijen plastic stoelen voor het publiek. Er was zijdens de theatermensen een officiële stoelenafdroger en iedereen kreeg een dekentje, dus bij dertien graden ging het net. Sommige doorgewinterde Marburgers hadden een thermo-matje voor onder de kont meegebracht, van die dingen die je ook wel op perrons in gebruik ziet als er een uurverbinding is. Het kenmerk van de Echte Duitser. Later begon het weer zachtjes te regenen, maar iedereen besloot dit te negeren, want de voorstelling was (voor mij onverwacht) uitstekend! Varieté: ik had vage herinneringen aan de jaren zestig, beelden van rijen Amerikaanse vrouwen in badpak die synchroon een been in de lucht gooien en zo. Niet zo mijn smaak; ik had stiekem het idee het even aan te zien en me na een kwartier stilletjes terug te trekken. Maar zo ver kwam het niet, want de voorstelling was toch anders en zeer gevarieerd. Een goede jazz-band leidde de avond in en begeleidde steeds de nummers. Er was een aantal goochelaars, alle van het allerhoogste niveau. Dat konijntje kon wel inpakken, dat was maar een van de eenvoudigste trucs en verscheen waarschijnlijk alleen uit eerbied voor de traditie. Een brandende draad die in een rubberen bal veranderde en niet brandend steeds op andere plaatsen aan en zelfs in het lichaam weer opdook, die zich vermenigvuldigde en in een zakdoek of een spel kaarten veranderde. Een acrobaat met een ongelooflijk lenig lijf. Een ‘wijnkoningin’ die steeds dronkener werd en haar glas wijn in een fles veranderde, en in steeds meer flessen: ook een goochelares dus. Een gentleman-jongleur, die met drie ballen begon, maar met dozen en hoge hoeden verder ging. En zie aan, daar was toch een enkele jonge vrouw in badpak, die acrobatische kunsten uithaalde in en om een grote doorschijnende halve bol met water. Dat was ook knap, maar daar vond ik niet veel aan. Te ordinair? Nee hoor, want veel ordinairder was de in het Italiaans tierende vrouw met drie hoela hoeps, en die was schitterend. Wat die met die hoepels kon doen was ongelooflijk, ik kan het niet navertellen, maar dat was het hoogtepunt. Ter afsluiting kwamen twee van de goochelaars nog eens op, nu met een trompet en een saxofoon, en daarop konden ze ook heel goed uit de voeten. Multi-talenten.

Een prachtige voorstelling dus, die op plezierige wijze niets voorstelde, de tijd deed vergeten en afleidde van kou en regen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Eten en drinken, Kunst, Marburg

Twee geluidsopnamen uit Duitsland

Mathheüspassion, Johannespassion, dat ging allemaal niet dit jaar; u begrijpt waarom. Het maximaal haalbare, zo werd mij uitgelegd, was de Johannespassion van Schütz, in zeer kleine bezetting in een lege kerk. Schoon uit nood geboren is dit wel een prachtige uitvoering van een prachtig stuk geworden. Juist door de kleine bezetting zijn de koren heel transparant.

===========================

Iets totaal anders, maar ook erg goed in zijn soort, is de Vocaaltragedie van Nektarios Vlachopoulos. De drie Japanezen met hun contrabas zijn er niets bij. Goede kennis van het Duits is wel nodig om ervan te kunnen genieten. Zelf heb ik ongeveer 30% gemist.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Kunst, Onzin Humor, Zingen

Het lege graf?

Ethiopisch kan ik niet lezen. Zou dit ‘Het lege graf’ kunnen voorstellen? De voorafgaande plaat was de graflegging.

British Library Asian and African Or. 481, eind 17e eeuws. Online hier.

2 reacties

Opgeslagen onder Bijbel, Christen Christelijk Christendom, Kunst