Categorie archief: Economie/Wirtschaft

Nieuw personeel

Het personeelsgebrek is mog altijd groot, in alle branches. Ziekenhuizen, verpleging, scholen, horeca, het spoor en ook het busbedrijf van Marburg. Sinds december rijdt mijn bus naar de binnenstad niet meer, maar naar iemand verzekerde: eind februari gaat hij weer van start. Zelf gebruik ik die bus alleen bij kou en nattigheid, maar dat gaat deze winter dus niet.

Over de nieuwe verkopers bij de bakker had ik al eens geschreven. Op veel andere plaatsen wordt ook naar mogelijkheid nieuw personeel aangesteld. Dat zijn vaak heel jonge mensen, die nog zichtbaar onervaren en daardoor schutterig zijn. Dat vergeef ik ze graag; alles moet geleerd worden. Er is echter één ding dat ze waarschijnlijk binnen hun nieuwe bedrijf niet meer kunnen leren: dat had eerder moeten gebeuren. Ik bedoel schrijven, en dan heb ik het niet over artikelen of romans, maar over het met de hand aanbrengen van letters op papier. Waarschijnlijk kunnen ze het wel op een computer, misschien zijn ze reuze vingervlug met hun telefoontje, maar de motoriek van het schrijven met een pen is bij hen niet geoefend. Als er iets met de hand moet worden ingevuld, of een naam of adres moet worden opgeschreven ontstaan er bij het jonge grut verrassend vaak rare en onleesbare letters. Ik lees tegenwoordig maar mee, ondersteboven, en als ik een fout of onleesbaarheid zie ontstaan laat ik ze die meteen corrigeren. Er zijn al twee misverstanden geweest op grond van (niet door mij) ingevulde formulieren.

In de Toyota-garage is de situate nog iets anders. Daar zaten vanouds twee jonge vrouwen achter de balie die telefoneerden, afspraken regelden, bestellijsten en overeenkomsten opstelden enzovoort. Vlotte, handige dames met een secretaresse-achtige opleiding neem ik aan. Maar die zijn er niet meer: ziek, weg of vertrokken. Nu word je te woord gestaan door dezelfde jonge gasten die ook in de eigenlijke garage werkzaam zijn. Aardige jongens met verstand van auto’s, die je wensen begrijpen, en hun technische verrichtingen zijn altijd in orde. Maar al die paperassen zijn zichtbaar moeilijk voor hen, en dat was waarschijnlijk vóór Corona ook al zo. Ze schamen zich niet als je ze een handje helpt, en dat hoeft ook niet. Voor een papierwinkel waren ze niet ingehuurd en het is tenslotte niet hun schuld dat het zo geworden is.

2 reacties

Opgeslagen onder Duitsland, Economie/Wirtschaft, Onderwijs

Personeelsgebrek

Brood koop ik meestal bij bakkerij S. Dat is een grote keten van bakkerijen; in mijn omgeving zijn er vijf filialen, die ik allemaal wel eens bezoek. Is het niet sympathieker om bij een kleinere bakker te kopen? Ja, maar de kleinere bakkerijen zitten vaak ook in een keten, en van de twee werkelijk zelfstandige zit er een te ver weg en is de andere niet zo goed. Keten of niet, S. heeft toch het beste brood.

In de loop van de tijd heb ik dus heel wat broodverkoopsters gezien. Traditioneel wordt de verkoop in zo’n filiaal namelijk geleid door een mevrouw van een jaar of veertig, vijftig, en zijn de medewerksters meestal jongere vrouwen, vaak meisjes nog. Keurige personen, met goede kennis van de vele broodsoorten die zij verkopen. Blijkbaar gaan ze bij S. eerst op cursus.

Maar bakkerij S. had blijkbaar als zovele firma’s te kampen met personeelstekort. Ze hadden een in het oog lopende advertentiecampagne voor de verkoopafdelingen, en die heeft blijkbaar wat opgeleverd. Er kwamen meisjes met grote oorbellen, of een hoofddoek op. Eerst waren die me niet opgevallen: je ziet tegenwoordig overal meisjes met hoofddoeken, maar bij nader inzien was dit wel een verandering in het personeelbeleid. Eerst waren de verkoopsters namelijk allemaal meelblank en droegen ze geen opvallende sieraden. Nu is er echter een nog duidelijker verandering in het personeelsbeleid: de mannen zijn door het glazen plafond gezakt! Ik heb de afgelopen weken al vijf mannelijke broodverkopers gezien. Twee daarvan zijn gewone, wat matte jongens van een jaar of twintig die ook in een supermarkt hadden kunnen werken. Een andere is een getatoëerde gast die het werk met tegenzin doet. Geen blijvertje, dunkt me. Een andere is een sportief voetbal-type. Niks op tegen, die kan prima brood verkopen, maar is niet het soort mens dat je in een bakkerswinkel zou verwachten. En nummer vijf is ronduit extravagant: een man van een jaar of veertig, gebruinde kale kop, met breed uitgegroeide bakkebaarden, een kunstenaarstype. Een vrolijke kwant, die geweldig veel energie en enthousiasme voor de broodhandel uitstraalt. Broodkennis heeft hij ook in ruime mate. Een aanwinst denk ik. Maar de drie laatstgenoemde mannen waren vóór Corona volkomen ondenkbaar geweest in deze branche. De nood was blijkbaar hoog bij de firma S. en ze hebben heel andere lagen van de bevolking aangeboord. Onbedoelde diversiteit.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Economie/Wirtschaft, Eten, Marburg

De pan der begeerte

Telkens als ik de supermarkt binnenloop zie ik het rek waar de potten en pannen op staan die je kunt krijgen op de spaarzegeltjes, die je op een kaart moet plakken. Ik neem dan even oogcontact op met de pan van mijn begeerte. Ja, ik wil hem echt hebben. Nog voor de kerst is hij van mij!

Wat een rare truc van het kapitalisme is dat. Ik heb geld genoeg om die pan in een winkel te kopen; ook wel tien als het moet. Het is een solide pan, maar vreselijk duur is hij niet. Maar het gaat erom hem gratis te krijgen.

2 reacties

Opgeslagen onder Economie/Wirtschaft, Persoonlijk

Mini-herinnering: het Pishoy-klooster

In Egypte, in het Natron-dal tussen Cairo en Alexandrië, ligt het klooster van Pishoy of Bishoy, dat ik in 2010 bezocht. Het dateert uit de vierde eeuw en is dus een ‘bezienswaardigheid’. Maar nog bezienswaardiger dan de oude gebouwen vond ik hoe de monniken daar leefden en wat ze allemaal ondernamen.

Van de Koptische kerk wist ik niet veel; alleen had ik altijd gehoord dat het een stoffige en totaal verstarde kerk was. Dat bleek echter in het geheel niet het geval. Wel is de liturgie eeuwenoud, evenals de  liturgische taal Koptisch, die tegenwoordig door vrijwel niemand meer verstaan wordt. Maar in dat klooster woei een frisse wind, net als in de hele Koptische kerk, naar ik vernam. De monniken deden altijd al aan sociaal werk en armoedebestrijding, maar hadden vaker nog dan theologie ook allerlei praktische vakken gestudeerd: landbouwkunde, waterbouw en dergelijke. Ze geven tegenwoordig ook scholing op allerlei gebied: alfabetisering en technische en agrarische beroepsopleidingen en leren de mensen zelf hun armoede te bestrijden. Ontwikkelingshulp zonder winstoogmerk. Het klooster ligt in een waterarme streek waar de landbouw maar weinig opleverde. De monniken hebben technieken gevonden en onderwezen waardoor de productie toch verbeterd kon worden. 

Zo’n klooster vormt dus een geestelijk en cultureel centrum, dat sturing geeft en van waaruit het omliggende gebied ontwikkeld wordt. Eigenlijk is dat niets nieuws: was het duizend jaar geleden in Europa niet net zo? Zulke kloosters zou ik de stikstofgebieden van Nederland wederom toewensen. Maar nee, zoiets is hier niet meer denkbaar. God is verdwenen uit Jorwerd, en in sommige delen van het land is Hij misschien nooit geweest.

Zie ook: Bloeiende landschappen, ontredderde boeren.

2 reacties

Opgeslagen onder Cairo, Christen Christelijk Christendom, Economie/Wirtschaft

Bloeiende landschappen, ontredderde boeren

Toen de beide Duitse staten in 1990 zouden worden verenigd beloofde de toenmalige Bondskanselier Kohl dat er in het Oosten ‘bloeiende landschappen’ zouden ontstaan. Welnu, met de hereniging is er van alles misgegaan, maar de landschappen zijn meestal wel in orde gekomen. Ongelooflijk smerige industriesteden als Bitterfeld zijn redelijk gesaneerd, al lijdt de bevolking nog altijd aan de gevolgen van chemische verontreinigingen in de bodem, fijnstof enzovoort. De mensen worden daar niet zo oud.

Maar de Lausitz bloeit nog niet, dat moet nog komen. Dat is een vrij groot gebied tegen de Poolse grens aan waar steen- en bruinkool in dagbouw gewonnen werden en worden. Het hele landschap is afgegraven door gigantische machines, enorme hoeveelheden grondwater zijn weggepompt; troosteloosheid en smerigheid alom. Misschien hebt u zoiets wel eens gezien: in Garzweiler bij Erkelenz vlak bij de Nederlandse grens wordt nog steeds zulke dagbouw bedreven. Gedachten aan de eindtijd en de hel laten zich daar moeilijk onderdrukken.

De overheid heeft al jaren geleden besloten dat het in de Lausitz anders moet en dat het landschap geherstructureerd zal worden. Zij wilde daarvoor flink in de zak tasten. Het mooie was, dat men ook aan de mensen dacht—wat vroeger bij de ontmanteling van het Ruhrgebiet blijkbaar minder het geval was. De mensen zouden natuurlijk uitkeringen krijgen en nieuwe woningen, maar ook zouden ze geholpen worden, hun leven opnieuw in te richten. Een sociaal plan: herscholingen, samen met de betrokkenen ander werk creëren enzovoort. Dat zal niet meevallen: de mijnwerkers hebben in die grijze biotoop een eigen leefwijze opgebouwd, ze hebben hun eigen trots en zijn ondanks de treurige leefomstandigheden aan hun dorpen gehecht. Veel jongelui willen de herstructurering niet afwachten en trekken uit zich zelf weg. Met hen zal het wel goed komen, maar voor en met de achterblijvers zal er iets moeten worden gedaan, en er is de wil dit aan te pakken.

Wat er van de mooie plannen terecht komt is af te wachten. Duitsland heeft onverwacht heel veel geld voor andere zaken moeten uitgeven en in de huidige energiecrisis is bruinkool misschien voorlopig nog nodig.

Maar er waren en zijn tenminste sociale plannen. Ik vraag me af of die er in Nederland ook zijn ten aanzien van de stikstofboeren. Er wordt heel veel geld uitgetrokken om die mensen uit te kopen, maar wat hebben ze aan geld? Stel je bent jong en geboren en opgegroeid op een zurig riekende varkensfabriek ergens in Oost-Brabant, wat heb je dan voor leven gehad, wat voor mens ben je geworden, wat anders dan zwijnerij kun je je dan voorstellen? Bij de ontsluiting van nieuwe leefmogelijkheden zou geholpen moeten worden, geestelijk, cultureel. Van plannen in die richting heb ik nog niets gehoord, en dat is jammer, want in de huidige crisis is er in veel bedrijfstakken een groot gebrek aan medewerkers. Werkeloos hoeft geen jonge industrieboer te worden, over geld zal hij sowieso beschikken, nu moeten hem alleen nog perspectieven worden getoond en omscholingsmogelijkheden worden aangeboden. Maar het is meteen duidelijk: in de asociaalstaat Nederland zal dat niet gebeuren. Er is immers nergens een perspectief.

Zie nu ook: Het Pishoy-kooster.

3 reacties

Opgeslagen onder De mens, Duitsland, Economie/Wirtschaft, Nederland, Politiek

Levensmiddelen goedkoper

Veel levensmiddelen zijn flink duurder geworden. Daarom geef ik er minder geld aan uit, en dat is precies waar de supermarkten zich zorgen over maken. Van de dingen die ik regelmatig koop zijn duurder geworden: brood, muesli, hummus, volkoren crackers, groente en fruit. Op het meeste kan en wil ik niet bezuinigen. Op de crackers wel: ik koop tegenwoordig vaker roggecrackers, die zijn goedkoper. Om de gestegen kosten te compenseren let ik op de aanbiedingen. Vroeger verkeerde ik in de luxe positie dat ik dat niet hoefde. Er zijn veel dingen in de aanbieding, en merkwaardigerwijs ook allerlei luxe artikelen: gerookte zalm, serrano-ham, mangga’s, garnalen, bepaalde kazen. Die zijn dus goedkoper dan voor de inflatie. En de bananen gisteren: ineens € 0,49 in plaats van € 1,99 per kilo. Prima bananen, niks mis mee. Door af te zien van echt dure spullen en te letten op de lekkere dingen die in de aanbieding zijn geef ik dus in totaal wat minder uit aan boodschappen dan vroeger. Eventuele volgende bezuinigingsrondes kan ik zeker ook overleven, tot het op een dag niet meer verder kan. Behalve voor echt arme mensen zou het in dit volvette land voor iedereen sowieso het beste zijn, slechts de helft te eten.

Ook kan er nog voordeel gehaald worden bij de keuze van de supermarkt. Daar bestaat hier te lande een soort hiërarchie in, die blijkt uit zowel de kwaliteit als de prijzen. Tegut staat bovenaan, maar Rewe is ook niet gek, Edeka is alweer minder, nog daaronder ligt Lidl, dan Aldi, dan Penny Markt. How low can you go? Het is misschien juist goed in zo’n beroerd ingerichte discounter vol kartonnen dozen te kopen: dat vermindert de eetlust. Ook daarzonder gebeurt het me vaak genoeg dat ik door de aanblik van een supermarkt geen trek meer heb.

Ooit was er een verzakking van de prijzen. Het was geloof ik in 1998, ik woonde in Frankfort en kocht in mijn woonstraat bij Tengelmann, die ik als verse immigrant uit Nederland eerder als delicatessenzaak dan als supermarkt ervoer. Maar die werd twee jaar later ineens goedkoper, onder andere omdat er allerlei producten uit de ex-DDR verschenen die lager geprijsd waren. Daarvóór had men die beneden zich geacht, gewantrouwd. Het kan echter zijn dat deze prijsval zeer lokaal was, of alleen Tengelmann betrof.

De oliecrisis is ook weer bezworen: De olijfolie is ongewijzigd. Bertolli brengt nu ook olijfolie uit die geschikt is om mee te koken. Zonnebloemolie was er een tijdje helemaal niet; toen werd het € 6,99 de fles, nu is het € 1,99. Was ooit minder dan een Euro. Zonnebloem gebruik ik alleen als ik iets Indisch kook, en ik heb nog voorraad tot september..

De bakker heeft zijn eigen truc om de gestegen tarweprijs te compenseren. Als je een gesneden brood koopt zijn de sneetjes tegenwoordig wat dunner dan voorheen. Maar daar trappen wij niet in, want dat kan alleen maar tot de consumptie van meer beleg leiden. Alternatieven zijn roggebrood en Kartoffelbrot: dat laatste is verrassend lekker.

NASCHRIFT: Dat met die luxe-aanbiedingen zal wel tijdelijk zijn. Misschien hebben de supermarkten teveel ingekocht, omdat het koopgedrag van de klanten onvoorspelbaar is geworden. Of ze zijn door lange-termijncontracten gebonden aan de inkoop van bepaalde hoeveelheden, die ze nu voor de normale prijs niet meer kunnen afzetten.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Economie/Wirtschaft, Einkaufen, Eten en drinken

Event-cultuur

Duitse binnensteden worden geteisterd door leegstand. De online-handel en Corona hebben de middenstand om zeep geholpen. Gerenommeerde, lang gevestigde winkels en restaurants moesten sluiten. Nu ze weer open mogen kunnen ze geen personeel krijgen, merken ze dat een groot deel van de klandizie wegblijft en na lang dapper standhouden met overheidssteun geven ze alsnog op. Er is minder geld onder de mensen, en de prijzen zijn gestegen.

Ook Frankfort is getroffen. Zelfs de peperdure Goethestraße, een straat vol dure juweliers en modezaken, biedt een treurige aanblik. De Russen komen niet meer, de Arabieren gaan liever naar Zuid-Duitsland of Oostenrijk en de Chinezen zitten in lockdown. Wie wil er nog een must kopen bij Cartier, of een Rolex, of nog iets duurders? Het stadsbestuur ziet in dat de oude toestand niet meer terug zal komen en probeert alternatieven te vinden voor de vroeger zo levendige binnenstad. Dat moet weer een plaats van ontmoeting worden, met een Event-Kultur. Street food festivals, rooftop bars, dat soort dingen.

Igitt! Je kunt beter de Amerikanen over de vloer hebben dan de Russen, maar dit klinkt wel erg troosteloos. Ik ben blij dat ik daar niet meer woon.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Duitsland, Economie/Wirtschaft, Einkaufen, Eten en drinken, Taal

Mini-herinnering: Made in USSR

In maart 1972 bezocht ik de jaarbeurs in Cairo, waar industriële producten, grote zowel als kleine, tentoon werden gesteld. In Utrecht of andere steden bezoek ik nooit zo’n beurs; ze interesseren me niet. Maar in het sjofele, in zichzelf gekeerde Egypte van toen was alles wat groot, glanzend en internationaal was aantrekkelijk, dus ik ging erheen.

Egypte was toen nog vrijwel een oostblokland, dus een grote exposant was de Sovjet Unie. Ook China was royaal vertegenwoordigd. De westerse landen minder, niet uit gebrek aan belangstelling, maar omdat hun spullen voor Egypte te duur waren. Mij viel toen op wat een erbarmelijke kwaliteit de Sovjetproducten hadden. Ik heb in het geheel geen verstand van tractoren of machines, maar ook met een lekenoog kon ik zien hoe knullig ze ontworpen waren en hoe ongelofelijk slecht afgewerkt. Terwijl de Chinese producten wel wat ouderwets waren, duidelijk kopieën van Amerikaanse ontwerpen uit de jaren vijftig, maar goed gemaakt, toen al. In het huidige Rusland zijn de spullen blijkbaar nog steeds niet veel beter.

Ik denk niet dat Egypte toen, behalve wapentuig, veel Russische producten kocht. Of het moest zijn door gedwongen winkelnering. De treinstellen en de trams kwamen meestal uit Hongarije; niet te duur en toch goed.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Cairo, China, Economie/Wirtschaft, Rusland

Terug tot de kern

Enkele jaren geleden had ik besloten, toch maar geen waarzegger te worden. Dat neemt niet weg dat ik soms de toekomst heel precies voor me zie. Op 1 juni 2011 blogde ik het volgende:

  • Wiskunde is niet mijn kracht, maar vaak heb ik de indruk dat het zo is: Wat in Zweden nu gebeurt, gebeurt vijf jaar later in Nederland en nog tien jaar later ook in Duitsland. Natuurlijk klopt het niet zo precies; het is maar een grote lijn. Zo bezien ziet het er met de kernenergie als volgt uit: Zweden stapt uit de kernenergie in 1997, Zweden stapt er weer in in 2010. Duitsland stapt uit de kernenergie in 2011, Duitsland stapt er weer in … in 2024?

Het ziet ernaar uit dat ik dit juist heb gezien. De Duitsers weten het nog niet, maar dat komt nog wel.

1 reactie

Opgeslagen onder Duitsland, Economie/Wirtschaft, Politiek

Hoog bezoek

Vanmiddag hoog bezoek in Marburg. Politieauto’s rijden af en aan.

Als de vaccinatie van Afrika u interesseert, lees dan ook dit.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Economie/Wirtschaft, Gezondheid, Marburg