Categorie archief: Godsdienst

Onislamitische republiek

Blijkbaar bevordert niets de secularisering zo zeer als een regering die wordt overheerst door geestelijken. In Iran beschouwt zich blijkens recent onderzoek nog maar 32.2% van de bevolking als sjiïetische moslim; 5% als soenniet en 3.2% als sufi.

In Saoedi-Arabië en Turkije zijn vergelijkbare ontwikkelingen waar te nemen.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Godsdienst, Iran

Mini-herinnering: dubbele paasdagen

Begin april 1972, toen er weinig toerisme was in Egypte, liep ik in Cairo steeds aan tegen een opvallende Nederlandse man, die reisde met een zeer oude tante. Een beetje een Agatha Christie-achtig stel, die twee. Waarom waren ze naar Egypte gekomen? Wat haar beweegreden was weet ik niet, maar bij hem was het duidelijk: hij wilde genieten van wat hij noemde de ‘dubbele paasdagen’. Op 2 april was het katholieke en protestantse paasfeest, maar het Griekse en Koptische was een week later. Door zijn vakantie handig te plannen kon hij dus twéé zondagen naar diverse paasmissen, en dat was zijn lust en zijn leven.
.
We zijn niet bevriend geraakt.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder De mens, Godsdienst, Kairo, Nabije Oosten

Geloofsverval?

De kerken zijn leeg, zelfs de Sint-Pieter in Rome. Ook de moskeeën zijn leeg. Het grote plein rond de Kaaba in Mekka is leeg. Pasen, Pinksteren en Ramadan zullen allemaal niet gevierd worden met feestelijke of plechtige samenkomsten van de gelovigen. Steun en troost in de noodsituatie kan niet gezocht worden in speciale gebedsdiensten, hoewel die toch sinds eeuwen en eeuwen in alle godsdiensten vanzelfsprekend waren. Verstandige religieuze autoriteiten hebben begrepen dat er een pandemie woedt en samenkomsten verboden, net als de wereldse autoriteiten.
Dit moet haast wel een blijvend effect hebben op de godsbeleving ná de pandemie. De godsdiensten waren al op de terugtocht, maar dat zal nu nog sneller gaan. Twee maanden of nog langer niet samenkomen gaat aan een gemeente niet ongemerkt voorbij.
.
Anders ligt het bij de, hoe zal ik ze noemen: de extreme gelovigen? De zwarte kousen-kerk? Dat dekt het niet, want salafisten, evangelicals en pinkstergemeenten vallen er ook onder, en die zijn niet somber en dragen geen zwarte kousen. Hoe dan ook: ik bedoel die heel erg gelovige gelovigen. Die willen nog steeds naar de kerk, resp. de moskee; juist nu. God zal immers wel voor zijn schaapjes zorgen; bovendien moet er in de nood met de hele gemeente gebeden worden. Domrechtse types als Bolsonaro moedigen de kerkgang zelfs uitdrukkelijk aan. Zal dit tot gevolg hebben dat die hypergelovige groepen zichzelf uitroeien? Misschien, maar dat soort virusnesten is ook voor de wijdere omgeving fataal. Er kwamen foto’s langs van massa-bijeenkomsten in Irak, Bangla Desh en van die rare secte in Zuid-Korea, waar alles in dat land begonnen schijnt te zijn. Honderden, duizenden besmettelingen, en ze gaan gewoon door. God wil het.

3 reacties

Opgeslagen onder Godsdienst

Corona – 2

Bildschirmfoto 2020-03-05 um 21.46.53

Als een bad in Lourdes niet alleen niet helpt tegen dat virus, maar zelfs gevaarlijk kan zijn, is dat hele Lourdes dan misschien …..? Als een eenvoudig virusje al te moeilijk is, kunnen ze de tent wel sluiten daar.
.
Toch heb ik iemand gekend die baat heeft gehad bij Lourdes. Hij had een serieus lichamelijk probleem en nam daarom deel aan een georganiseerde reis naar Lourdes. Maar halverwege Frankrijk verloor hij zijn geloof. Bij een wegrestaurant stapte hij uit de bus en aanvaardde alleen de terugreis. Sindsdien ging het hem aanzienlijk beter.

2 reacties

Opgeslagen onder Godsdienst

Laat Latijn

Nadat ik een paar jaar geleden enige moeite had gedaan om mijn kennis van het Latijn wat op te krikken, met behulp van Addisco Onderwijs,  kreeg het zingen de overhand. En omdat veel van de oudere muziek die ik zing kerkmuziek is, dreef ik af in de richting van het Kerklatijn. Dat is dikwijls nogal slecht Latijn: media of zelfs infima latinitas, zowel in de bijbelvertaling als in kerkelijke teksten. Het is toch wel te genieten, om twee redenen: 1. als je iets maar vaak genoeg hoort wordt het vanzelf dierbaar. 2. In combinatie met muziek kunnen zelfs de beroerdste teksten mooi worden, zoals ook blijkt bij vele liedteksten uit de Duitse romantiek (Und der hoffnungslose Kummer | scheucht von meinem Bett den Schlummer, om maar iets te noemen).
.
Toch waren er in de Middeleeuwen ook auteurs die het Latijn echt beheersten. Een van hen was Guibert van Nogent (1055–1124), een Benedictijnse abt uit Noord-Frankrijk, bij wie ik terecht kwam tijdens een onderzoekje. Voor mij is hij moeilijk te lezen, want de simpele taal van eenvoudige gelovigen is hem vreemd en hij doet soms nodeloos ingewikkeld; daarom ontcijfer ik af en toe maar een klein stukje. Om te beginnen met een vertaling ernaast, maar die is ook niet altijd even goed. Ik analyseer alle werkwoordsvormen en de syntax en leer de woordjes net als vroeger op school; dan zal het op den duur vlotter en zelfstandiger kunnen gaan. Nadeel van middeleeuws Latijn is dat de woorden niet allemaal in de gangbare woordenboeken staan. De volgende fase zal zijn: zelf een tekst lezen en daarna de vertaling ernaast leggen ter controle. Zal ik ooit helemaal zelfstandig Latijn kunnen lezen? Te vrezen is van niet. Suggesties tot verbetering van de vertalingen zijn natuurlijk zeer welkom.
.
Guibert (Nederlands Gijsbert?) bericht interessant over de kruistocht en schreef een van de zeldzame autobiografieën uit die tijd, die wat aan Augustinus herinnert en de lezer even in die eeuw binnen laat kijken. Maar een aardige man was het niet, eerder een beetje een kwezel en een zeikerd. Misschien moest je dat wel zijn als je abt wilde worden. Hij was bij voorbeeld dankbaar dat zijn vader zo vroeg gestorven was, zodat niets zijn religieuze opvoeding meer in de weg stond:

Nu had ik na mijn geboorte nauwelijks geleerd mij aan mijn rammelaar te hechten toen U, genadige God, die voortaan mijn Vader zou zijn, mij tot wees maakte. Want toen er bijna acht maanden verstreken waren stierf mijn vleselijke vader: daarvoor grote dank aan U, die deze man in christelijke gezindheid deed heengaan, die zonder twijfel Uw voorziening die U aangaande mij getroffen(?) had in gevaar zou hebben gebracht als hij was blijven leven. Want omdat mijn aanleg (formula??) en een zekere voor iemand van zo tedere leeftijd natuurlijke levenslust mij geschikt leken te maken voor deze wereld, twijfelde niemand eraan dat hij, als de passende tijd gekomen zou zijn om de letters te leren, de gelofte zou verbreken die hij aangaande mij had gedaan. Goedertieren Beschikker, voor ons beider welzijn beschikte U, dat ik in geen geval het eerste onderricht in Uw leer zou ontberen en dat hij zijn plechtige gelofte aan U niet zou verbreken.

Stel je voor dat zijn vader hem had leren vissen en paardrijden en boogschieten, en misschien had meegenomen naar de kroeg!
Arrogant was hij ook:

De bij uitstek roemruchte steden Antiochië, Jerusalem en Nicea en de provincies Syrië, Palestina en Griekenland, van waaruit de zaadjes der nieuwe genade zijn opgekomen, hebben hun innerlijke kracht in de wortel verloren, terwijl de Italiaanse, Gallische en Britse zijloten bloeien.

Dit schreef hij in 1109, over steden en streken in het oosten, waar het leven nog altijd op een aanzienlijk hoger niveau stond dan in West-Europa. Wat was Noord-Frankrijk helemaal in die tijd? een dun bevolkt, modderig land met hier en daar een kil kasteel of klooster. Guibert betoont zich een voorloper van de latere koloniale kijk op de wereld.
.
Ik streef er overigens niet naar, later in het Latijnstalige deel van de hemel te belanden. Misschien kunnen ze me daar gebruiken als zanger in een engelenkoor, maar de Arabische afdeling is qua voorzieningen wel zo prettig. Of zou het toch de hel worden? De specu tuos tartari educ, et antro barathri!

Fragment 1. Natus igitur vix didiceram fovere crepundia, cum tu, pie Domine, qui pater futurus mihi eras, orphanum me fecisti. Exhausto enim octo fere mensium spatio, pater meæ carnis occubuit: et magnas inde tibi gratias, qui hunc hominem sub Christiano affectu fecisti decedere, providentiæ tuæ, quam de me habueras, si adviveret, indubie nociturum. Quia namque formula mea, et naturalis qædam pro ætulæ illius quantitate alacritas idonea huic sæculo videbatur, nulli dubium erat, quin cum litteris ediscendis habile tempus adesset, ea quæ de me fecerat vota resolveret. Bone provisor utrimque salubriter disposuisti, ut et ego nequaquam tuarum disciplinarum rudimento carerem, et ille quam tibi fecerat non interrumperet sponsionem.
Fragment 2. Predicatissimæ nobilitatis urbes Antiochia, Iherusalem ac Nicea, provinciæ etiam Syria, Palestina et Grecia, e quibus novæ gratiæ seminaria pullularunt, abortivis florentibus Italis, Gallis, Britonibus, ab interno virore radicitus defecerunt.

1 reactie

Opgeslagen onder Europa, Godsdienst, Latijn

Bijbelgordel

In Utrecht de tentoonstelling over de Nederlandse biblebelt gezien in het Catharijnecovent.
Deze was zeer druk bezocht, zodat is aan te nemen dat het onderwerp veel Nederlanders aanspreekt. Veel vrouwen in spijkerbroek ook, die dus duidelijk zelf niet van de gereformeerde gezindte zijn, maar het misschien wel ooit waren. (Ik spreek maar van gereformeerd, want de term ‘refo’ stuit mij tegen de borst, en verwarring met de Gereformeerde Kerken in Nederland is niet meer mogelijk, want die bestaan niet meer.
.
Zelf ben ik wel gereformeerd opgevoed, maar niet zo streng, Toch heb ik dat extreme SGP-christendom wel gekend, door de ‘zware’ tak in onze familie, en het leven in sommige dorpen waar ik wel eens kwam, bij voorbeeld op Overflakkee. Het meeste van die tentoonstelling herkende ik dus wel; het was een uitstapje naar een lang vergeten verleden dat nu herinneringen opriep, en zo zal het veel bezoekers zijn gegaan.
.
Naar mijn indruk zit nu de klad in de gereformeerde gezindte. De roklengte van de dames is op de tentoongestelde foto’s onveranderlijk iets boven de knie; vroeger was dat een flink stuk eronder. Het geheel deed mij wat denken aan de Zāhirieten, een richting onder islamitische juristen, die de gewijde teksten zeer letterlijk nam, maar met voorbijgaan aan de ‘geest van de wet.’ Een vrouw in een broek mag niet, want ‘Het kleed eens mans zal niet zijn aan een vrouw’ (Deut. 22:5), maar verder mag dan blijkbaar alles. Als die roklengte bij gereformeerde vrouwen in dit tempo naar boven blijft opschuiven dragen ze in 2040 minirokjes. Vele vrouwen op de tentoongestelde foto’s dragen keurige hoedjes, maar enkele droegen als kerkdracht uitgesproken frivole hoedcreaties, waarmee ze zó naar de races in Ascot zouden kunnen. Ook zij gehoorzamen letterlijk het bijbelse gebod: “Een iegelijk man, die bidt of profeteert, hebbende iets op het hoofd, die onteert zijn eigen hoofd.  Maar een iegelijke vrouw, die bidt of profeteert met ongedekten hoofde, onteert haar eigen hoofd; want het is een en hetzelfde, alsof haar het haar afgesneden ware. Want indien een vrouw niet gedekt is, dat zij ook geschoren worde; maar indien het lelijk is voor een vrouw geschoren te zijn, of het haar afgesneden te hebben, dat zij zich dekke. Want de man moet het hoofd niet dekken, overmits hij het beeld en de heerlijkheid Gods is; maar de vrouw is de heerlijkheid des mans. Want de man is uit de vrouw niet, maar de vrouw is uit den man. Want ook is de man niet geschapen om de vrouw, maar de vrouw om den man. Daarom moet de vrouw een macht op het hoofd hebben, om der engelen wil. Nochtans is noch de man zonder de vrouw, noch de vrouw zonder den man, in den Heere. Want gelijkerwijs de vrouw uit den man is, alzo is ook de man door de vrouw; doch alle dingen zijn uit God. Oordeelt gij onder uzelven: is het betamelijk, dat de vrouw ongedekt God bidde? Of leert u ook de natuur zelve niet, dat zo een man lang haar draagt, het hem een oneer is? Maar zo een vrouw lang haar draagt, dat het haar een eer is; omdat het lange haar voor een deksel haar is gegeven? ” (1 Korinthiërs 11:4–15) Niet makkelijk te volgen, dit nogal warrige betoog van de apostel Paulus, en een nieuwere vertaling maakt het maar ten dele begrijpelijker. Bedacht moet nog worden dat in Paulus’ tijd alle vrouwen vaak hun hoofd bedekten in het openbaar, ook buiten de kerk.
Waar was ik gebleven? O ja, het is ook in dit geval duidelijk: men houdt zich aan de letter van de tekst zoals die begrepen wordt: ‘vrouw moet hoed op in de kerk,’ maar vervolgens is er kennelijk volop ruimte voor wuftheid en frivoliteit.
.
Met de seksualiteit is alles nog bij het oude, tenminste als ik mag afgaan op de foto’s van jonge stellen in deze tentoonstelling. Ze zien er geen van alle uit of ze ooit plezier aan seks beleven.

2 reacties

Opgeslagen onder Godsdienst, Nederland

Wat wil God?

God is verdwenen uit Jorwerd, dat is bekend, maar uit Staphorst nog niet. Daar heeft Hij onlangs zijn wil gedaan aan wethouder de Jong, die na dertig jaar lidmaatschap van de SGP nu lid is geworden van het FvD, namens hetwelk hij nu zelfs kandidaat-gedeputeerde in Overijssel wordt. God gunt de Jong de carrièresprong. „Goddelijke besturing van boven bracht mij bij deze partij,” heeft de Jong volgens meer dan een bron verklaard—ik hoop dat het citaat klopt, kan het niet controleren. Zulke besturing komt altijd van boven, nooit van beneden uit de onderbuik.
.
God had zich al vaker met Nederland bemoeid. De oorlogszuchtige veroveraar van de Oost, J.P. Coen, schreef al in 1618: ‘Dispereert niet, ontsiet uwe vijanden niet, daer en is ter werelt niet dat ons can hinderen noch deeren, wandt Godt met ons is, en trect de voorgaende misslaegen in geen consequentie, want daer can in Indien wat groots verricht worden.’
.
De slavernij vond God ook een goed idee, althans volgens Ds. Godefridus Udemans in 1638: ‘Aengaende de Heydenen of Turcken, die mogen van de Christenen tot slaven gebruyckt worden, mits datse in eene rechtvaerdige Oorloge gevangen of van hare Ouders, of andere deughdelijcke Meesters, voor eenen rechten prijs gekocht zijn, ghelijck verhaelt wordt dat ordinaris geschiedt in Angola. Want dit accordeert met de Goddelijke Wet, Levit. 25, vers. 44.45.46.’
.
Van 1831 dateert het protestantse devies ‘God, Nederland en Oranje’ (Isaac da Costa), dat het nog tot ver in de twintigste eeuw heeft uitgehouden.
.
En dat zijn slechts enkele voorbeelden. Je zou een boek vol kunnen schrijven over de wondere werken Gods in en met de Lage Landen; waarschijnlijk bestaat dat al lang.
.
Dikwijls bevestigt God de status quo, ook wanneer die voor Nederland ongunstig uitpakt. Dan is het namelijk een beproeving of straf. “Zie toch niet op dien Duitscher. Hij is slechts een roede in Gods hand,” zei Ds. Kersken, de oprichter van de SGP, in 1940, met een fatalisme dat doorgaans alleen moslims verweten wordt.
.
In Jorwerd woon je waaratje zo gek nog niet.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Godsdienst, Nederland

Notre Dame de Paris

In gedenken aan de kerk die in vlammen is opgegaan een zeer vroeg muziekstuk dat daar gemaakt is en een centrale plaats inneemt in de Europese muziekgeschiedenis: https://www.youtube.com/watch?v=FvJ6xl3l1ek

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Europa, Godsdienst, Muziek

Heilige grond

Ooit ben ik in de Eifel de Karmelenberg op gelopen. Het was een dicht begroeid klein heuveltje, eerder een bult in het landschap, met een Marienkapelle er bovenop. Een voetpad leidde naar boven; daarlangs stonden zeer oude bomen, afgewisseld met kruiswegstaties. Het was dus eigenlijk een soort Kalvarienberg: door daarheen op te klimmen kan de gelovige zich concentreren op het lijden van Christus en het ten dele navoelen.
Dat lukte mij niet, maar wel werd het mij eigenaardig te moede, al bij het opklimmen door dat vreemde microlandschap en zeker boven bij de kapel. Ineens voelde ik het bijzondere van die plek en begreep dat daar al vele eeuwen geleden, toen de kerk nog niet eens bestond, aanbeden en misschien geofferd was. De plek verlangde dat gewoon, het kon niet anders dan een cultusplaats geweest zijn. Ik dacht niet aan het lijden van Christus, maar voelde mij wel op merkwaardige wijze verbonden met de mensheid uit de voortijd.
.

1280px-Elisabethbrunnen_Schröck_2Hier bij Marburg is de Elisabethbrunnen. Niet kerkelijk, laat staan katholiek. Op de foto ziet U de huidige toestand, de ombouw uit de zestiende eeuw in een kale omgeving, maar ten dele is nog te zien dat daar vroeger grote eiken omheen hebben gestaan. Zo heb ik het nog gekend. Je voelde het meteen: dit is een plek, die ook in de prehistorie al bijzonder was. Min of meer heilig is die bron  nog altijd. Hoewel de gemeente, ja dezelfde die de bomen heeft laten omhakken, heeft gewaarschuwd dat het water niet zuiver is om te drinken, komen er nog altijd mensen met plastic jerrycans om wat van het water af te tappen en mee te nemen. Heilwasser. Misschien dat na opkoken de heilzaamheid bewaard blijft?
.
Op een fietstochtje kwam ik langs Fronhausen en ziedaar, ook daar was zo’n heilige plek. Ik was er al voorbijgereden, maar moest noodzakelijk even terug. Geboomte, resten van een gebouwtje. Hoewel de gemeente al het mogelijke had gedaan om de plek te banaliseren met picnicktafels en prullenbakken, was de oude cultusplaats er nog duidelijk te voelen. Die foto’s had ik net zo goed niet kunnen maken; daar is niets op te zien. Je moet er zijn om het te voelen.

1 reactie

Opgeslagen onder Duitsland, Godsdienst, Marburg

Antonius van Padua

Als niet-katholiek dacht ik nooit aan de heilige Antonius van Padua, maar dat veranderde toen ik in zijn stad voor en achter zijn kerk stond (afb. 1-3). Wat groot en mooi en oud (13e eeuw)! Binnen zijn er veel mooie schilderingen, maar ook veel late en lelijke en ik was na een week Italië nogal fresco-moe, dus besloot ik vooral het gebouw zelf weldadig op te me laten inwerken, zoals ik dat in een moskee doe. Er waren veel toeristen, maar ook veel pelgrims, die in bussen aankomen en door hun aanvoerder met een vlaggetje over het terrein geleid worden, zingend soms. Voor degenen die een driedimensionale voorstelling van de heilige nodig hebben staat er een beeld van hem voor in de kerk (afb.4). Daarna komt het graf in een reusachtige en schitterende kapel, waar mensen in gebed verzonken zijn (afb. 5–6). Ook toevallige passanten nemen de gelegenheid waar even een gebedje tot de heilige te richten. Het gaat om wat moslims shafā‘a noemen: de voorspraak die een heilige doet bij God, tot wie men zich blijkbaar niet direct durft te wenden—wat protestanten wél doen.
.
Een moment van vervreemding: dit zijn gewone mensen net als ik, maar waarom doen zij zo raar? Of ben ik raar?
Het wordt nog vreemder: er loopt een rij mensen door een barokkapel met talloze reliekschrijntjes (afb. 7). Want niet het hele lichaam van de heilige is in zijn graf beland: allerlei delen die niet zijn vergaan worden apart bewaard. Ware ik katholiek, ik zou proberen zegen te putten uit zijn onverteerd gebleven tong en stembanden, zodat ik beter en langer zou kunnen zingen (middelste nis, reliek nr. 9 en 11. De kin komt ook van pas: nr. 10).
.
Of Antonius kon zingen weet ik niet, preken kon hij wel. Dat vonden ook de autoriteiten in Rimini, die hem vreesden en hem het preken verboden. In de kerken waar hij het probeerde verscheen dan ook niemand, dus preekte hij maar tegen de vissen, die aandachtig naar hem luisterden (afb. 8). Of deed hij het om de H. Franciscus te overtreffen, die tot de vogels predikte?
.
In de naast de kerk gelegen twee oratorio’s (vergaderzalen voor profane broederschappen; afb. 9) weer prachtige wandschilderingen, die nogmaals duidelijk maakten waarom er zoveel weldadige werking van Antonius uitgaat. Hij verrichtte inderdaad wonderdaden zonder tal: een kind dat in een pot kokend water was gevallen bracht hij weer tot leven (afb. 10), een voet die was afgehakt zette hij er weer aan (afb. 11), enzovoort enzovoort.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Europa, Fictie, Godsdienst, Kunst