Categorie archief: Persoonlijk

Oud

Het is zover: ik ben oud geworden. Laat ik wat batterijtjes kopen voor het keyboard, dacht ik, dat het niet onverwacht zonder energie zit. Er moeten er zes in, ik kocht een pakje van acht. Bij thuiskomst bleken er al drieëndertig AA-batterijtjes en vier grotere in voorraad te zijn, nog afgezien van de oplaadbare. Meer batterijen dan ik ooit zal opgebruiken; als de wereld zal zijn ondergegaan brandt bij mij nog een LED-lampje.

Het plankje naast de batterijen is de afdeling brillen. Vijf brillenhuizen; laatst had ik nog een nieuw gekocht, omdat ik meende dat ik er een te weinig had. Drie oude brillen om door te kijken; niet meer de goede sterkte, kunnen dus weg. Drie zonnebrillen, onbruikbaar want voor gebruik met contactlenzen en die heb ik niet meer. Goede zonnebrillen, daar kan ik nog iemand een plezier mee doen. Vijf leesbrillen; ook niet meer nodig, want nu multifocaal. Die kunnen naar de vlooienmarkt. Daarentegen is mijn zwembril kwijt en dat is vervelend.

Op andere gebieden zal het er in mijn kasten ook wel zo uitzien. Saneren zal wat lucht scheppen. Maar die verdwenen geheugenfunctie, die komt niet meer terug.

Dik tevreden ben ik echter met de drie brillen die ik gebruik: een voor de verte, een voor de computer en een zonnebril voor in de auto. Al meer dan tien jaar dezelfde sterkte; zo compenseer ik de boven aangeduide verkwisting een beetje. En zo lijkt het of alles toch hetzelfde blijft.

5 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk

SATB

Zangers zullen deze afkorting herkennen: Sopraan – Alt – Tenor – Bas. Hij staat vaak bovenaan koorpartituren afgedrukt. Dit weekend was gewijd aan koorrepetities: gisteren van 10–21 uur, vandaag van 10 – 16.30. Twee cantates van Bach (27 en 80) en zijn mis in G klein (BWV 235). Nu ben ik dus moe, maar ook wel tamelijk gelukkig. Want ik heb een doorbraak beleefd.

Over de hoge tonen (g, a) kon ik de laatste tijd redelijk beschikken, maar slechts een beperkte tijd. Daarna klapte de keel dicht. Dat kwam omdat de stem van vermoeidheid terugzakte in de borststem, kelig werd. Daarmee kom je maar tot d of e, en dan nog met moeite, dus dan vallen álle hogere tonen uit. Zo ging het gisteren ook weer, en dat is deprimerend, want dan denk je dus dat je nooit verder zult komen. Maar de stem moet helemaal niet meer in de keel, hij moet voor in de mond blijven, dan kun je eindeloos doorgaan. Dat had mijn leraar me al herhaaldelijk uitgelegd, maar zonder dat het tot resultaten had geleid. Gisteren echter, toen na een uurtje repeteren mijn keel alweer met de witte vlag zwaaide, zag het er treurig uit: er zouden immers nog anderhalve dag volgen en wat moest ik dan zingen? Gewoon toch maar de mond open gedaan, en zie aan: na een poosje kwam er weer kopstem uit, ook langere stukken in de hoogte en zelfs coloraturen floepten er gemakkelijk uit. Een wonder had zich voltrokken. Ik zou niet na kunnen vertellen wat ik nu precies anders deed, maar het werkte. Er kwamen wel weer perioden dat het niet werkte, maar een groot deel van deze repetitiemarathon kon ik de gewenste klanken van mij geven.

Een verdere observatie: er zijn in die muziekstukken gedeelten waarin de tenor moet beginnen, of overheerst. Waar je vanuit het niets zonder de SAB een frase ten gehore moet brengen bij voorbeeld, die met een hoge g begint en ook verder hoog gelegen is. Zulke passages komen er natuurlijk bijzonder op aan. Door een mengsel van ijdelheid en verantwoordelijkheidsgevoel wist ik die passages extra goed te doen slagen, hoog of niet. Staat de kopstem eenmaal ter beschikking, dan is hij blijkbaar tot alles te verleiden. Misschien is hij ook wel ijdel. En juist als hij toch moe wordt of het eng begint te vinden aan de top nemen andere stemmen de melodie over en kun je even wegzakken in begeleiding.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Muziek, Persoonlijk

Gewezen plekken

Dat was boffen, er reed net iemand weg, zodat ik vlak voor de ingang van het gebouw kon parkeren. Toen ik uit de auto stapte had ik uitzicht op mijn vroegere parkeerplaats: een fietsenrek (zie afb.). En zo gaat het de hele tijd in Marburg: steeds wordt ik geconfronteerd met plekken uit mijn fietsleven: fietsenrekken, fietsstroken, stoplichten voor fietsen. De fiets is nu helemaal uit mijn leven verdwenen; hopelijk niet voorgoed, maar tenminste voor de komende maanden.

Lopen heeft ook voordelen: je ziet dingen van veel dichterbij: narcissen en andere bloemen waarvan ik de naam niet ken, je ruikt ze ook.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Fietsen, Persoonlijk

Hoog Marburg

Gisteren was ik op de zestigste verjaardag van een oud-collega. Zij woont in een van die prachtige huizen die tegen een berghelling zijn aangeplakt, zeer moeilijk bereikbaar. Ik wilde niet met de eigen auto: ik raak daar altijd de weg kwijt, vind het rijden eng en parkeren kun je er ook niet. Met een taxi leek me saai, dus ik nam de bus die er ergens in de buurt kwam. Van en naar de bus moest ik een flink stuk lopen, en dat was precies de bedoeling: mijn dagelijkse looptaak moest nog afgetippeld worden. Bus 10, een afgeknot klein busje dat naar het kasteel rijdt. Een grotere bus zou de scherpe bochten niet kunnen nemen. Dat was al bijna een avontuur: in een van die lange smalle straten kwam er een tegenligger aan, die op geruime afstand bleef stilstaan. Hij begreep niet wat er verder moest. De buschauffeur wenkte hem wat hij moest doen, maar hij zag het niet op die afstand, dus dat duurde. Hij moest namelijk even de oprit van een privé huis in rijden om plaats te maken voor de bus. Het is een lijndienst: als dat ieder uur zo gaat? Bij de halte aangekomen vond ik al spoedig de Sandweg. Maar die hield bij nummer 6 al op en ontaardde in een zandweg. Het zag er niet naar uit dat er nog huizen zouden komen, wat bevestigd werd door een dame met hond, die mij wel de goede weg wilde wijzen. Terug naar de bushalte, waar bleek dat de Sandweg ook nog om de hoek verder liep, en zo vond ik het juiste adres. Een prachtige ligging, maar de verkeerssituatie lijkt me voor het dagelijkse leven erg bezwaarlijk.

Het feestgezelschap viel in drie delen uiteen: E’s familie, vrienden en buren, en collega’s van het instituut. Bij de laatsten kon ik mij wel thuis voelen, dus ik heb niet geleden. E. is een barones, al loopt zij in de bijstand. De familie stamt namelijk uit Oost-Pruisen en bezat “niets” meer toen ze hier heen kwam, maar kon blijkbaar nog net dat kostbare huis laten bouwen. Die familie was dus ook allemaal adel: sommige dames zagen er heel voornaam uit, met van die zilvergrijze permanent waves. Ze hadden nostalgische gesprekken over de voormalige oostgebieden, en over de reisjes die ze daar naar toe hadden gemaakt, het huis zo-en-zo stond er nog, daar was nu een bibliotheek in; en over de huwelijken die ophanden waren, en dat X geparenteerd was met Y, die weer een nicht was van Z. Praat waar je niet tussen komt en ook niets mee te maken hebt, maar die door zijn zeldzaamheid toch aardig is om eens te horen.

Terug wel met een taxi, die meteen al moeite had met het keren daar (die had ik anders gehad), en toen dat ongelofelijke labyrint van smalle en toch nog volgeparkeerde straatjes en eenbaans klinkerwegen weer naar beneden. Pas daar had ik weer het idee van in de normale wereld te zijn; het is echt anders daarboven.

Dit non-avontuur heb ik zo uitvoerig verteld omdat het een soort belevenis voor me was. Ik leid verder een zo saai en beperkt leven, vandaar.

9 reacties

Opgeslagen onder Marburg, Persoonlijk

Nieuwe routes

1. Deze dag, dacht ik, wordt de zwartste van het jaar, maar dat viel mee. Ik moest een nieuwe router: nieuw telefoonnet, iets met glasvezels, en voortaan de telefoon ook via Internet. De installatie van de vorige router heeft me dagen gekost, en menig telefoontje met de hot line, die maar zelden te bereiken was. Maar nu, ziedaar: het was in een half uurtje gepiept. Zonder app, zonder hotline, zonder technicus aan huis à 100 Euro. Ben ik zoveel slimmer geworden de laatste jaren? Te vrezen is van niet, maar de Telekom heeft eindelijk begrepen dat ze het de klanten makkelijker moest maken.

2. Ik wilde wat ouwe troep naar de kelder brengen. Niet zwaar, wel onhandig van formaat. Hoe kon ik dat vasthouden op de trap en tegelijk ook mijn beide krukken? De oplossing was als volgt: ik heb de krukken helemaal niet meegenomen. Het begin van een begin.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Persoonlijk

Muziek als geneesmiddel

Ik aarzelde toen L. vroeg of ik morgen mee wilde naar Bachs Johannes Passion in de Elisabethkirche. Het stuk is mij zeer dierbaar, maar tenminste twee uur stil zitten met dat been in een protestantse kerk? Katholieke kerken hebben knielbankjes en dus meer beenruimte, maar protestantse kerken uit vroeger eeuwen, dat is zoiets als de Economy Class van de Lufthansa. Erger vind ik nog dat het stuk door een niet al te beroemd ensemble en mij onbekende solisten zou worden uitgevoerd. Opgegroeid in Amsterdam ben ik van kindsbeen aan de allerhoogste kwaliteit gewend geweest. Als student kon je daar met het Cultureel Jeugdpaspoort voor ik meen vijf gulden naar de schitterendste concerten in het Concertgebouw, en ik ben vaak gegaan. Nu woon ik echter in de provincie en moet ik me vaak behelpen met middelmaat. En als het nu nog het Marburger Bachkoor was; maar nee, dat zingt op hetzelfde tijdstip iets totaal anders. Eigenlijk was ik liever daarheen gegaan: werken van Brahms en Dvorak. Maar dat is in de Fürstensaal van het kasteel: een ongemeen moeilijk bereikbare locatie als je iets met je been hebt. En een akoestiek die alleen maar te genieten is als je een van de centrale plaatsen hebt kunnen bemachtigen. Datzelfde Bachkoor had me om akoestische redenen een paar maanden geleden al teleurgesteld: Bachs H-Moll Messe, maar dan in de Lutherse kerk: ze zongen echt goed, maar het stuk viel plat door de akoestiek, tenminste waar ik zat. Sinds kort heeft Marburg een nieuwe Stadthalle: het Erwin Piscatorhaus. Ik weet niet eens hoe goed die zaal is, want klassieke musici treden er niet op; de huren zijn waarschijnlijk te hoog. Het blijft behelpen.

Goed, dus toch maar naar de Johannes Passion, als we nog kaartjes kunnen krijgen tenminste. En niet alleen als compromis. Ik moet namelijk ook eens leren omgaan met middelmatigheid en de vaak toch te waarderen mooie kanten daarvan. Al was het alleen al omdat ik zelf ook middelmatig ben in de muziek. Ik was al een keer naar mijn oude koor gegaan en ziedaar: er staan drie stukken van Bach op het programma; dat bevalt me. Geoefend hebben we die avond Wir danken Dir Gott. Dat beginkoor, is dat voor amateurs überhaupt zingbaar? Bach doet altijd of zijn zangers een orgel zijn dat geen ademhaling en geen rust nodig heeft; genadeloos. Halverwege het beginkoor was ik al hees. Nou ja, dat is amateurisme, dat kun je afleren. Maar het blijft een zware kluif. Nee, het kan niet, het is niet zingbaar, maar je wilt het wel, en op de een of andere manier lukt het dan toch.

Vandaag was mijn eerste zangles na het ziekenhuis. Wir danken Dir Gott geprobeerd, en jawel, het was verbazend hoe mijn leraar zo’n stuk er bij mij toch min of meer aanvaardbaar uitkrijgt. Nu maar hopen dat het herhaalbaar is. Maar ik krijg daar nu zin in, om maandag mijn stem te laten horen in het koor, en dat is dus een aanzienlijke stap terug in het leven. Want bij nader inzien had ik na het ziekenhuis nog nergens zin in gehad.

En zondag alweer in een ander ensemble liederen van Brahms; ach, het zal wel goed komen.

3 reacties

Opgeslagen onder Muziek, Persoonlijk

Jeuk

Mijn nieuwe knie doet niet meer zo erg pijn; ik hoef veel minder pijnstillers te slikken. In plaats van de pijn is jeuk gekomen. Maar niet een jeuk aan de huid, nee binnenin het been. Zo laat het been weten dat het niet veel op heeft met de nieuwe bewoner, die van Zwitserse origine is. De integratie van de nieuwkomer wordt als overal flink tegengewerkt. Jeuk heeft met pijn gemeen dat het een mens uit de slaap kan houden. En tegen dit soort jeuk bestaan geen pilletjes.

Ik ben weer thuis en kan de meeste alledaagse dingen doen, alleen twee keer zo langzaam als vroeger. Lopen moet ik veel en dat doe ik ook. Oefeningen van de fysiotherapeut: soms ben ik lui of opstandig. Autorijden gaat weer, hoewel het nog altijd enige moeite kost, het been in de wagen te krijgen. Alleen fietsen zal nog maanden niet kunnen en mogen. Morgen ga ik het op een extra hoog afgesteld fietsje in het fitness-studio proberen. Het zal al mooi zijn als het been de hele ronde met de trapper mee kan maken. Het idee fietsen jaagt me op het ogenblik angst aan.

Zo’n operatie wordt aan de knie uitgevoerd, maar betreft het hele lichaam. Nog lang had ik last van grote vermoeidheid, en van koude-aanvallen. Dat normaliseert zich nu. Wat blijft is een aantal grote vragen: Als je straks weer kunt lopen, welke weg wil je dan gaan? En waartoe? Zoiets vroeg ik me vorig jaar nooit af. Het leven sprak vanzelf. Maar het operatiemes raakt ook de ziel.

3 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk

Fout gelopen

Donderdag was ik eerst naar een drogisterij in het dorp gelopen. ’s Avonds ging ik naar de muziek in de Wandelhalle; zie boven. Alles met krukstokken natuurlijk. Volgens mijn telefoontje een dagtotaal van 4,2 km. Dat gaat de goede kant op, dacht ik nog, maar de dokter zag dat heel anders: het was beslist te veel! Inderdaad had ik gisteren en vandaag weer meer pijn; dat kwam omdat ik de boel had willen forceren. Ik moest de spieren gelegenheid geven zich te herorienteren en in alle rust nieuwe contacten aan te knopen. Nou moe.

Forceren, dat deed Peter B., wiens verhaal mij al voor de operatie koude rillingen bezorgde. Wat ouder dan ik, zelf arts geweest, dus wist precies in welke kliniek hij moest wezen. Operatie gelukt, maar enkele weken na thuiskomst deed hij alweer zwaar werk in de tuin, verschoof enorme plantenbakken, klom op ladders enzovoort. Resultaat: er was nog geen jaar voorbij of er moest opnieuw een knie in. Ja, zoiets is forceren, dat begrijpt een kind, maar mijn gewandel ook? Ik was er nooit op gekomen.

Waarom schrijven die artsen en fysiotherapeuten niet gewoon op een briefje wat ik moet, mag en niet mag? Liefst met het aantal stappen, duur en gewicht erbij.

Zou het vandaag een mooie dag worden? Dat wordt hoog tijd, na een week van rukkerig Hollandwetter, waardoor ik ook nog verkouden ben geraakt. Het weerbericht repte van 17˚, maar dat geldt meestal alleen voor een enkel mythologisch dal in Zuid-Hessen. Dit is Noord-Hessen, op een meter op 300. Daarom was al dat gestorm deze week ook zo zinloos. In Nederland raakt er bij zulk weer tenminste nog een vissersscheepje aan de grond  of er breekt een dijk door. Hier kan dat niet: een hoop rotherrie in de nacht, maar uiteindelijk alles ijdelheid en geblaas van wind. Alleen  de schapen van kunststof, waarop ik uitzicht heb, waren omgewaaid; vanochtend heeft iemand ze weer op hun pootjes gezet.

4 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk

Pijnverdrijf

Natuurlijk moest ik naar het kuurconcert; hoe had ik ooit kunnen overwegen, niet te gaan? Al spoedig bleek dat anderhalf uur live muziek evenzeer tot de genezing bijdroeg als al die andere Anwendungen. David speelde harp voor de depressieve koning Saul, dat is bekend, maar het zou een misvatting zijn, te menen dat muziek alleen helpt tegen zielenpijn. Zij blijkt ook concrete, lichamelijke pijn te verjagen. Ik had in mijn leven te weinig pijn gehad om dat te hebben ervaren, maar nu weet ik het. De pijn verdween en kwam gisterenavond niet meer terug.

En ik had het kunnen weten, want het is bekend dat de oude Arabische artsen hun patienten o.a. behandelden door voor hen te zingen! Dat hoorde toen gewoon bij de opleiding. Dat mevrouwtje van zorg en gezondheid in Nederland, voor wie de Nederlandse beschaving de beste ter wereld is, heeft daar natuurlijk geen flauw benul van.

Het programma heette Balkanreise. Zeven Balkanezen uit het Bad Wildunger Kurorchester hadden elkaar blijkbaar gevonden en besloten ook als groepje op te treden. Inderdaad brachten ze ook bij mij een reis tot stand: van mijn  eerste binnenlopen in het nog zo overweldigend Ottomaans uitziende station van Belgrado, in 1964, via Montenegro, de bergpassen over naar Prizren in Kososvo, Macedonië, de tabaksbladeren die naast de huizen hingen te drogen, en ook toen al veel muziek. Mijn eigen Balkan was er weer; een heilzame bijwerking.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Duitsland, Muziek, Persoonlijk

Zaligheid en pesthumeur

De dag waarop mijn oude knie door een kunstmatige werd vervangen was een van de gelukkigste in mijn leven. Niet omdat ik zo blij was van dat ouwe ding af te zijn, nee het moet aan een opiaat hebben gelegen dat door de narcosestof heen geroerd was. Vrolijk werd ik ervan, all-round gelukkig. Natuurlijk kon ik alleen maar liggen, maar wat zou een mens anders willen?

De eerste dag in de reha-kliniek in Bad Wildungen had ik aan een stuk door een pesthumeur. Met enige  vertraging begreep ik dat dit een cold turkey was. In Marburg had ik de eerste week aan een pijn-infuus gelegen, dat iedere pijn aan de voorkant van het been wegnam. De pijn aan de achterzijde werd bijna geheel bestreden met tabletten. In één ervan moet ook een gelukbrengend stofje hebben gezeten. Dat ontbreekt in de medicatie in Bad Wildungen. Maar de tweede dag was ik alweer mijn oude, gelijkmoedige zelf. Af en toe heb ik erge pijnscheuten, vooral ’s nachts, maar die laten zich wegwerken met druppeltjes. Bewegen helpt soms ook, en koude omslagen.

Opiaten zijn best lekker, maar je kunt er blijkbaar niet te lang mee doorgaan.

Knieoperaties schijnen ongelooflijk heftige pijnen te veroorzaken, en dat nog gedurende weken. Een wonder dus, dat er een vrijwel complete demping van die pijn mogelijk is. Dat lukt in goed georganiseerde, rijke landen, die niet anti-wetenschap zijn. In Aleppo hebben ze vast geen pijninfuus meer.

3 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk