Categorie archief: Universiteit

Te ruste

Nee, nee, gooi jezelf nou niet in de stress! Je taken zijn goed te overzien vandaag, er is voldoende tijd voor en vanavond heb je zelfs vrij, net als andere werknemers.

Zit meneer alweer te jakkeren en te stressen. En dat wil met pensioen …

4 reacties

Opgeslagen onder Pensioen, Persoonlijk, Universiteit

Hoger opgeleid 2

‘Twintig procent,’ zei mijn collega ongevraagd, ‘hoogstens twintig procent van de studenten stelt wat voor; de rest zou beter van de universiteit weg kunnen blijven.’ Ze is niet in mijn vak werkzaam, maar wel op een verwant gebied. Het treffende is, dat we dit onderwerp niet eerder besproken hadden en zij precies hetzelfde percentage in haar hoofd had als ik. Twintig procent. Onze grote en dure instituten zijn voornamelijk schijnvertoningen. Maar ze worden wel door iedereen gewild, ook door de geldgevers. De studenten zijn blij dat zij een of ander diploma krijgen, want zakken is er nauwelijks nog bij. Hun ouders, de belastingebetalers: idem. De docenten zijn blij dat zij dank zij de grote studentenaantallen een baan hebben. De overheid is tevreden dat er zoveel groei is, dat de statistieken er zo fraai uitzien, dat nu ook nieuwe groepen toegang krijgen tot de universiteit, dat alles zoveel beter is/lijkt dan in andere landen, enzovoort. Alleen het peil van de afgestudeerden stelt dus helaas weinig voor.

Aan het begin van mijn universitaire loopbaan was het percentage mislukkende studenten in mijn vak vijftig procent. Dat vond iedereen toen absurd veel, maar het werd gerechtvaardigd met de bijzondere moeilijkheid van het Arabisch. En toen werd er nog wél gezakt. Of beter nog: de ongeschikte studenten verdwenen snel vanzelf, al voordat er iets te zakken viel, zodat zij gauw iets konden gaan doen wat beter bij hen paste. Zo konden de goede studenten die bleven een redelijke opleiding krijgen. Zij krijgen nu te weinig, want het studieprogramma is afgestemd op de minder goede, die behoorlijk in de weg lopen. De slechte studenten  hangen jaren voor niets bij ons rond en verdoen hun tijd, al beseffen zij dat niet. Voorschrift uit de hoofdstad is immers: het programma moet studeerbaar zijn. (Alsof Arabisch óóit studeerbaar was!) Vandaar dat we nu arabisten afleveren die nauwelijks Arabisch kunnen lezen. De huidige situatie aan de universiteit heeft zeker bijgedragen tot het zg. ‘burn out syndroom’ dat ik vorig jaar had. Ik kon het werken niet meer als zinvol ervaren.

Het zou fijn zijn als Arabisch aan slechts twee of drie universiteiten in Duitsland gedoceerd werd, maar dan écht. De opheffingen van de andere instituten zou niet puur een bezuiniging zijn: nee, de blijvende instituten zouden wel beter moeten worden. Vooral zou er massief taalonderwijs van de modernste soort moeten worden gegeven, en dat is arbeidsintensief en dus duur. En de financiering zou onafhankelijk moeten zijn van de studentenaantallen, zodat de niet-getalenteerde studenten konden worden weggestuurd, net zoals dat bij de toneelschool en de hotelacademie het geval is.

Het bovenstaande geldt voor mijn vak en voor zeker nog een aantal alfa-vakken. Bij de medicijnen valt het hoop ik mee. Daar, en ook bij de natuur- en scheikunde en de technische vakken, sturen ze de slechte studenten nog wel weg. Het gevolg is dat daar vaak maar heel weinig studenten in zijn, veel te weinig. Maar gelukkig zijn er veel knappe en eerzuchtige koppen in verre landen, die geïmporteerd kunnen worden. Die mensen brengen vaak een beter middelbare-schooldiploma mee, en vooral: een taai doorzettingsvermogen en een arbeidsethos. Ze zijn nog niet aan chocola verslaafd. Die import lukt natuurlijk alleen zolang Duitsland nog geld heeft.

Er is een kansje dat het probleem van de te grote studentenaantallen zich vanzelf oplost, en wel door een kleine bureaucratische maatregel die eraan komt, althans bij ons.  Als er een nieuw studiereglement wordt ingevoerd zullen studenten tentamens waarvoor ze gezakt zijn niet meer eindeloos over mogen doen, maar nog slechts twee maal. Daarna moeten ze weg en moeten ze de hele studie staken. Nieuw is dat niet; ik meen dat dit al tien jaar geleden heeft rondgezongen. Maar ingevoerd was het nooit; er is een kansje dat het nu wel gebeurt. Misschien ook niet. Het is niet duidelijk of er een overtuiging, opzet of beleid achter deze verandering zit, of dat het een van die bureaucratische toevallen is waarvan het moderne leven aan elkaar hangt.

6 reacties

Opgeslagen onder Deutschland, Europa, Universiteit

Hoger opgeleid

Een van de mooiste weblogs die ik lees is dat van Johan de Witt, waarin hij lucht geeft aan zijn verbazing over Nederland.
Je kunt daar niet reageren, maar dat hoeft ook niet, want ik bewonder De Witts analyses zeer en ben het vrijwel altijd met hem eens. Nu zou ik toch eens willen reageren; niet eens op hem, maar naar aanleiding van een boek dat hij bespreekt en goed vindt: Mark Bovens en Anchrit Wille, De diplomademocratie. Misschien is dat boek inderdaad goed; ik ben niet in de gelegenheid het te lezen. Maar op één aspect wil ik ingaan. Het beschrijft de kloof die is ontstaan tussen het ‘volk’ en een geselecteerde elite, die het land bestuurt: ‘een steeds grotere groep geleerden en WO-afgestudeerden die het land bestuurt en een veel grotere groep minder opgeleide Nederlanders die er niet tussenkomt.’ […] ‘Maar de werkelijkheid is dat er in Nederland geleidelijk een meritocratie is ontstaan: opleidingsniveau is de allesbepalende factor voor deelname aan en invloed op de politiek.’

Inderdaad: Henk en Ingrid junior komen er niet meer tussen. De kloof is financieel niet meer te overbruggen, en ook ontbreekt het de universiteiten aan de infrastructuur die studenten als mens verder helpt. De communist Marcus Bakker verzuchtte indertijd: Nu de arbeiderskinderen eindelijk naar het gymnasium kunnen wordt het gymnasium opgeheven! Hetzelfde geldt inmiddels voor de universiteiten.
Echter, anders dan hun kinderen hadden Henk en Ingrid zélf, in de periode van pakweg 1965–2000, wel degelijk de kans om een middelbare school te doorlopen en een papiertje van een hogeschool of universiteit te halen. Maar hadden ze dan zin in social climbing? Het was beneden toch ook gezellig en okee; lekker onder mekaar en je moest het vooral niet hoog in de bol hebben. Wat hen zelf betreft is het dus hun eigen schuld; ze moeten achteraf niet mokken. Er bestond tot voor kort een stevige infrastructuur die het betreden van de hogere regionen mogelijk maakte.

Wat die bovenlaag betreft ben ik juist van mening dat de ‘hogere’ opleidingen niet meer hoog genoeg zijn. Zo’n Rutte bij voorbeeld, die heeft Geschiedenis gestudeerd. Het zou mij niet verbazen als hij allemaal negens en tienen had gehaald, en naar verluidt speelt hij ook piano. Maar het heeft niet geholpen: het ontbreekt hem kennelijk aan de brede algemene ontwikkeling en aan het ruime begrip van mens en wereld die hij in zijn baan zo nodig zou hebben. En bij andere politici is het nog veel erger. Universiteiten zijn fabrieken geworden, daar worden alleen nog maar roef-roef punten behaald met de lectuur van voorgekauwde stapels fotokopieën en pdf’s. Voor zelfstandig lezen is geen tijd, contact met een behoorlijke leermeester krijg je nauwelijks meer, en ook de verenigingen en organisaties voor studenten vervullen niet meer hun nuttige opvoedende taak.

De Italiaanse gaststudenten die ik hier soms krijg maken mij altijd weer enthousiast. Die lezen nog; niet alleen de verplichte stof, ook filosofie en literatuur uit alle eeuwen, ze grazen vrij en nieuwsgierig in wat de wereld te bieden heeft, ze gaan vanzelfsprekend naar het theater, en nog veel meer. Zo worden zij ‘hoger’ opgeleid. Zonder twijfel ligt dat aan de achterlijkheid van Italië: dat land is nog niet zo ver dat het alle kennis in hapklare, meetbare en economisch taxeerbare brokjes heeft gesneden, en het heeft geen twintig ‘onderwijshervormingen’ achter de rug.

In Nederland zie ik de volgende zwakten. Het domme volk is de weg naar boven via studie afgesneden. De meritocratie heeft te weinig merites, is te onontwikkeld om behoorlijk te regeren. De echte slimmerdjes lopen tijdig weg, zodat hun talenten niet aan het land ten goede komen (Nee, ik bedoel niet mijzelf, haha. Ik ben geen echt slimmerdje en mijn emigratie was erg laat en puur toeval).

4 reacties

Opgeslagen onder Nederland, Universiteit

Platgehuldigd

Wat word je moe van zo’n huldiging. Moest nog in allerijl een nieuw overhemd kopen, omdat de oude niet meer dicht konden. Maar het was een rijke dag; erg goed voor het ego.

Gisteren uitgeslapen en geluierd. Gelukkig regende het, zodat ik lekker met een goede vriendin, die nog wat na was gebleven, thuis bij de haard kon blijven zitten. Zij kookte, dat was heel rustgevend en lekker. Vandaag regent het niet zo, maar het is wel erg koud. Beetje krantje lezen en CD luisteren dan maar. Morgen weer werken.

De volgende huldiging zal zijn als ik honderd word. Dan komt de burgemeester. En een journalist van de Oberhessische Presse, die zal vragen hoe ik zo oud geworden ben en of ik het nog eens over zou willen doen. Ik zal maar een lichte dementie voorwenden om dat soort onzinvragen niet te hoeven beantwoorden.

4 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk, Universiteit

Terug uit de hel

Dat was prachtig, het symposium over de islamitische hel in Utrecht. Het was eerder paradijselijk, want het symposium was spannend en Utrecht bleek een erg mooie stad te zijn. Dat wist ik eigenlijk wel, maar ik was het vergeten. Een beetje hels-sadistisch waren alleen het zeer lange wachten op het matige eten (we hebben twee restaurants bezocht), en de treinreis er naar toe. De profeet zei het al: السفر قطعة من العذاب ‘Reizen is een deel van de hellestraf.’ Op de heenreis anderhalf uur vertraging, op de terugreis twee. Ze bouwden aan het spoor; goed, goed: dan wordt het beter dan ooit, willen we maar geloven.
Voor mij was het het laatste wetenschappelijke congres gedurende mijn werkleven, en dat gaf een vreemd gevoel. Enerzijds het nog eens goed indrinken en genieten allemaal, anderzijds het gevoel dat het er allemaal niet meer toe doet. Maar als ik niet meer moet wil ik meer. Het resultaat, ook van de ontmoetingen met collega’s is, dat ik in de periode tot de kerst vier artikelen ga schrijven. Ben je nou helemaal gek geworden? Laatste stuiptrekkingen heet zoiets. En van de zomer ga ik al aan de slag met de uitgave van de Azama tekst over de hel; nee eigenlijk vandaag al een beetje. Daarover ga ik het hier maar niet hebben; wie zich ervoor interesseert kan nu op een aparte webpagina terecht.
De piek in de werkstress ligt nu ook achter me; nog twee maanden les geven, hoofdzakelijk vanuit routine, en het is gepiept. Kapot ben ik wel, heb zwaar roofbouw op me zelf gepleegd. Maar vanaf nu kan ik aan het herstel gaan werken. De winterdeken kan ook de kast in.
Vrijdag is hier het afscheidscongresje te mijner ere. Daartoe had ik een nieuw zomerjasje nodig, want het kon wel eens flink warm worden. Omdat ik geen tijd heb om naar Frankfort te gaan wilde ik dat ook maar in Utrecht kopen. Ik had er een half uur de tijd voor. En ziedaar, op het Oudkerkhof is een klassieke herenzaak – tip van mijn zwager, dank! – waar je goed geholpen wordt. Een verkoper die snel begreep wat ik nodig had en dat gewoon uit de kast haalde. Ja, dat is dienstbaarheid, maar niet in de zin van serviel. Nu heb ik weer eens een ‘Nederlands’ jasje. Voorname nonchalance, dat ontbreekt in Duitsland een beetje.

7 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk, Trein&tram, Universiteit

Digitale toekomst?

Is de toekomst wel zo digitaal? Of gaan de komende generaties weer met een pen systeemkaartjes volschrijven?

Een tamelijk beroerde nieuwsdienst die altijd ongevraagd langskomt op mijn computer, die van T-Online, had een alarmistisch verhaal over het grote en toenemende verlies van bestanden die electronisch worden verstuurd. Ik ben zelf niet in staat de juistheid of ergheid van zo’n bericht na te trekken. Als alle media zaaien ze natuurlijk graag paniek, en als er even niets ergs is verzinnen zij zelf wel wat.

Ook is het denkbaar dat de belangrijkste beheerder van het Internet, de USA, daar op een dag, uit geldgebrek of onder een onprettige regering, geen zin meer in heeft. Of dat de bijverschijnselen van internetgebruik (meelezen door overheden, openbaarwording van gebruikersdata, reclame enz.) op den duur zo erg worden dat de gebruikers er zelf geen zin meer in hebben.

Wikipedia is een dag zwart gebleven. Dat was niet zo erg, want het gebeurde gewild en gecontroleerd. Maar de aanleiding vond ik wel verontrustend: de USA wilde een of andere wet tegen piraterij invoeren, die de belangen van Hollywood en de muziekindustrie zou beschermen en tegelijk een comfortabel gebruik van het internet zou beëindigen. Die wet is nog niet van de baan, al is nu iedereen gealarmeerd  (click ook Learn more). Met nog dommere volksvertegenwoordigers in de USA had hij misschien nog meer kans, en in geldkringen blijft het verlangen naar zo’n wet bestaan. In China, Iran en Syrië is het mogelijk het internet de nek om te draaien of sterk te beperken, waarom dan niet ook in de USA. Democratie? tut tut: geld en macht gaan altijd voor.

De wereld van het boek is in onze ontletterde samenlevingen natuurlijk van veel kleiner belang dan die van films, plaatjes en geluid. En ziedaar: bij boeken is het afknijpen van de digitale informatie wel reeds mogelijk gebleken. Miljoenen boeken, ja hele bibliotheken zijn gedigitaliseerd, maar kunnen niet geraadpleegd worden vanwege precies zo’n auteursrechtgeschiedenis. Als de auteurs zelf niet geldzuchtig zijn, zijn het wel de uitgeverijen: een artikel uit een wetenschappelijk tijdschrift kunt u in enkele minuten op uw scherm hebben, maar dan moet u wel eerst per kredietkaart een helemaal niet laag bedrag overmaken, dat vrijwel uitsluitend de uitgever ten goede komt.

Te dien dage zal een weetgierig mens dus naar de dichtstbijzijnde, bijna kapot bezuinigde bibliotheek fietsen en daar een boek of tijdschrift zoeken. Eventueel moet hij wachten tot het uitgeleende exemplaar is teruggebracht. Of hij gaat een aanvraag voor uitleen uit een andere bibliotheek indienen: dat kost een bedragje en vooral wachttijd. Als hij het boek in handen heeft neemt de weetgierige het mee en legt het op een kopieerapparaat, net als nu of in de jaren zeventig.
Alternatieve mogelijkheid: de nieuwste publicatie niet lezen, maar bij voorbeeld een publicatie uit 1953 gebruiken, die al is vrijgegeven, of een gratis webpagina. Verouderd of tweederangs, allicht, maar toch ook nog heel knap. (Deze mogelijkheid is niet voor álle vakken mogelijk.)

U begrijpt waar het naar toe gaat: de kennismaatschappij wordt in de kiem gesmoord. De  grote kennissprong vooruit zal zo niet plaatsvinden. Wat moet een regering ook met slimme onderdanen?

Ik weet het, dit onderwerp kan niemand wat schelen.

10 reacties

Opgeslagen onder Medien, Universiteit

Ontroerd

Nog nooit heb ik zo’n mooi kerstgeschenk gekregen. Mijn collega’s hebben voor mij een soort huldiging voorbereid, die in mei 2012 zal plaats vinden. Vier geleerden uit binnen- en buitenland worden ingevlogen om een voordracht te houden op een soort mini-congresje te mijner ere. Zoiets verzin je toch niet! Met receptie en maaltijd toe. Aanleiding tot dit alles is mijn pensionering, die wat later in het jaar zal plaatsvinden.
Ik voel me geëerd en ben ontroerd.

19 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk, Universiteit

Naar Nederland

Drie dagen in Leiden doorgebracht voor een symposium, en daarna nog twee dagen in Bussum en Dronten, bij familie.

Het congresje was voor specialisten in koran, hadith en andere zeer oude islamitische zaken. Het had helemaal niets te maken met moderne moslims of met de problemen die Nederlanders met dezen (zouden) hebben. Datzelfde geldt voor de drie(!) nieuwe, jonge hoogleraren die Nederland op dit gebied heeft: koran, vroege Arabische geschiedenis, met name zoals gekend uit papyri, en de klassieke, duidelijk voormoderne islamitische geloofsleer en -voorstellingen. Voor mij is de terugkeer naar die oude boel wel prettig: ik zit er immers zelf ook in. Lang heeft men aan de Nederlandse universiteiten het Arabisch bestudeerd met het oog op moderne ontwikkelingen in het Nabije Oosten of onder migranten in Nederland. Daar heeft men blijkbaar nu genoeg van. Werk als dit is misschien goed voor moslims over twintig jaar, als ze reli-moe zijn. Dan kunnen er zonder verder uitstel meteen wat schellen van de ogen.

Nederland sloeg ditmaal wel hevig toe, waarschijnlijk ook omdat ik in Leiden moest zijn, waar ik jaren aan herinneringen heb liggen. De voertaal was Engels, maar ik had ook enkele mensen met wie ik intensief in het Nederlands gesproken heb. Toen ik op de tweede dag in de hotelkamer even de Duitse televisie aanzette leek het Duits als een exotische taal te klinken.

Een excursie naar het stadje Elburg bleek ook een zeer Nederlandse ervaring. Ik kende Elburg niet, maar als Nederlander ken je zulke stadjes toch. De zware Chr. Geref. kerk met ‘Vrede door het Bloed des Kruises’ op de gevel, maar tegelijk een sterke toeristische infrastructuur met terrasjes om appeltaart te eten, en zelfs een zaak voor sekslingerie.

In Leiden ben ik rijkelijk van spijs en drank voorzien, maar éen avond wilde ik graag alleen doorbrengen. Dat geouwehoer verdraag ik niet onbeperkt. Toen heb ik in een redelijk goed Indonesisch restaurant een Nasi Rames gegeten. Had ik heel lang niet gehad: heerlijk!

Het voor de terugreis aangeschafte Nederlandse boek bleek ook een genot. Tommy Wieringa, Ga niet naar zee. Een reeks prachtige miniaturen. Het klopt niet dat er in het huidige Nederland geen literatuur meer wordt geschreven. Ik zal er nu in bed even mee verder gaan.

9 reacties

Opgeslagen onder Godsdienst, Nederland, Universiteit

Slaap en openbaring

Nee hoor, er is mij geen engel verschenen in de droom, geen hemels visioen. Maar toen ik vanmorgen om vijf uur wakker werd stond mijn artikel mij ineens duidelijk en tot in details voor ogen.
De laatste tijd wordt ik vaak om vijf of zes uur wakker. Blijkbaar kan ik daar niets aan doen. Het biologische horloge dat op kwart voor zeven gefixeerd stond is gewoon verzet: het is een of twee uur vroeger geworden. Wel mijn eigen schuld is dat ik weer om één uur naar bed was gegaan. Dat neem ik mij nogal kwalijk: als ik dat vaker doe krijg ik steeds maar vier of vijf uur slaap en dat is ongezond.
Nog veel meer kwalijk neem ik mij dat ik de laatste twee weken een artikel had moeten schrijven en dit niet heb gedaan. Rondgelummeld, weggedroomd, fietstochtjes gemaakt. De literatuur die ik nog moet doornemen ligt op een keurig stapeltje: geen blik in geworpen. Hoe moest dat nu? Als het op het laatste nippertje af komt voordat ik het moet presenteren moet ik me weer forceren, zoals zo vaak. Resultaat: een artikel dat maar matig is; weer overspannen.
Die veertien verloren dagen zijn echter ruimschoots vergoed door de openbaring van vanochtend vroeg. Ik hoefde alleen maar de hoofdpunten even op te schrijven, dat ze straks niet vervluchtigen. Vandaag en morgen zal ik het vlees aanbrengen op dit skelet en er lucht in blazen: schepping gereed! Dan zal ik voor het eerst in mijn moeizame leven iets vóór de deadline klaar hebben.
Zie je wel, je moet niet werken en je moet niet willen. Je moet ook niet uitdrukkelijk niet-willen en je afwenden en je dat dan weer kwalijk nemen. Je moet helemaal niets. Veel meer luieren: in bad liggen, aan seks denken, iets drinken, ouwehoeren, een eindje gaan fietsen, dan komt het vanzelf. Laat het werken in jou.

En waar gaat dat artikel nou over? Daar rust embargo op tot ik het in passende omgeving heb gepresenteerd.  T.z.t. zal Emigrant berichten. To whom it may concern; waarschijnlijk in mijn andere bloek.

4 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk, Universiteit

Genoeg

Net heb ik in mijn korte ego-tekst hierboven geschreven dat ik flink genoeg heb van mijn werk aan de universiteit. Waarom eigenlijk? Ik heb het toch altijd met plezier gedaan? Mijn belangrijkste motivering, althans voorzover ik het zelf kon zien, was het verlangen mensen het onderwijs te geven dat ik zelf nooit behoorlijk heb gehad. Je wilt toch dat de ‘kinderen’ het beter hebben? Natuurlijk kan iemand ook autodidact worden, maar dat kost zoveel tijd! En er blijven dan altijd bepaalde dingen scheef zitten.

Genoeg is het geweest omdat ik steeds ouder word en de studenten steeds jonger. We begrijpen van elkaar niet meer waar we mee bezig zijn. Alleen de hele goede studenten, die schijnen noodzakelijk ook ouderwets te zijn, want daarmee is de communicatie probleemloos.

Wat me bijzonder stoort is de corruptie. Ik weet geen ander woord om de tegenwoordige politiek te benoemen om zoveel mogelijk studenten naar de universiteit te lokken, ze om het even wat te laten leren en dan met om het even wat voor diploma weer te laten gaan. Ook als ze er geen aanleg voor hebben of geen zin hebben en niets leren: studenten mag je niet wegsturen. Pakweg de helft van onze studenten is volkomen ongeschikt om Arabisch te leren; de meesten willen het ook niet eens. Maar eenmaal binnen moeten ze (bijna) allemaal jaren bij ons rondhangen en tentamenbriefjes krijgen, want daarvan is onze financiering afhankelijk gemaakt. Ze hebben ons dus in de hand, en dat weten ze. Het snelle wegsturen dat vroeger werd gepraktiseerd, het liefst in november van het eerste jaar, had grote voordelen. Die studenten konden dan nog iets gaan doen waarvoor ze wél geschikt waren en de docenten hoefden hun tijd niet met hen te verdoen. Want u raadt het al: het meest tijdrovend zijn die studenten waar niets van terecht zal komen. Zonde.

Egypte was ons al voorgegaan. Daar was reeds in de jaren zeventig de universiteit, althans in de alfavakken, tot MAVO-niveau afgezakt, en daar gaat het hier dus ook naar toe.

Oude mannen hebben door de eeuwen heen altijd geklaagd over de teloorgang van het niveau. Schopenhauer jammerde bij voorbeeld over die armzalige studenten, die Griekse en Latijnse teksten alleen nog in vertaling konden lezen. Mijn gezeur zou natuurlijk ook van deze aard kunnen zijn; met die mogelijkheid wil ik best rekening houden. Maar, maar … ik kan toch vergelijken? Ik heb nog altijd een stel scripties van tien, twintig jaar geleden in de kast liggen. En die zijn zo goed! Sommige zouden zo in een tijdschrift kunnen. Dat niveau heb ik de laatste jaren echt niet meer gezien.

21 reacties

Opgeslagen onder Persoonlijk, Universiteit