Echt en onecht

De trend gaat naar het onechte. In plaats van een echte piano hoort U bij voorbeeld een opname van een piano, wat helemaal niet hetzelfde is. Luistert U maar eens naar een echte, dan merkt U het verschil. Of als U niet zulke fijne antennes hebt—maar U hebt ze wél, anders zou U hier niet lezen—vergelijkt U eens een opname van een beiaard met de echte beiaard. De echte gaat letterlijk door merg en been en schiet dan rechtsreeks de ziel in. Dat komt door de boventonen en door nog andere onzegbare factoren.

In de Duitse nationale bibliotheek worden álle duitstalige boeken bewaard. Iedereen mag daar naar binnen: onderzoekers, maar scholieren die een scriptie moeten maken net zo goed. Alleen krijgt niemand meer een echt boek in handen, maar een digitale kopie op een beeldscherm. Bij boeken is dat misschien niet zo erg, hoewel ik persoonlijk ook wel gehecht ben aan de geur van een boek, het gevoel van het papier en van een linnen of leren kaft, het kleine kraakje van een stijve rug. En ik merk hoe uitgelaten een boek kan zijn, als het na jaren van ongelezenheid even uit de kast mag.

Bij Lascaux in Frankrijk werd in 1940 een reeks grotten met prachtige prehistorische wandschilderingen gevonden. Het werd een eerste klas toeristische bestemming. Na een aantal jaren dreigden de schilderingen ten offer te vallen aan schimmels die de bezoekers daar middels hun ademtochten hadden verbreid. Van de week worden er compleet nagebouwde grotten met exacte kopieën geopend; die kunnen de mensen dan bezichtigen. Natuurlijk kunnen ze na hun bezoek ook koffiebekers kopen met prehistorische dieren erop; je hoeft er niet geweest te zijn om dat te begrijpen.

Al die onechtheid moet er blijkbaar zijn, omdat het echte kwetsbaar is. Als het dag in dag uit door vele duizenden mensen bepoteld of bewasemd wordt gaat het kapot. Denk bij voorbeeld aan Venetië. En strijkkwartetten kunnen niet optreden in veilinghallen waar tienduizenden mensen in passen. Het echte is dus alleen nog toegankelijk voor de happy few.

Het echte is vaak overweldigend. Ik was eens bij mensen te gast die een Nikolaas Maes aan de wand hadden hangen, een mansportret. Een prima schilderij, daar niet van, maar de geportretteerde was naar mijn gevoel al te nadrukkelijk aanwezig; hij drong zich op, zó echt was hij. Was hij een reproductie in een kunstboek geweest, dan had niemand last van hem gehad.

Zou al dat onechte hebben bijgedragen tot de verachting van het feit, waarvan wij tegenwoordig getuige zijn? Onze tijd is immers postfactisch; in Duitsland is dat net tot Woord van het Jaar gekozen. Het kan de mensen niet meer schelen of iets echt of onecht is, of iets klopt of niet, ze merken het verschil niet meer, bij voorbeeld tussen echt menselijk lijden in een kapot geschoten stad of hetzelfde in een actiefilm.

8 reacties

Opgeslagen onder De mens

8 Reacties op “Echt en onecht

  1. “Het kan de mensen niet meer schelen of iets echt of onecht is…”

    Dat vind ik te pessimistisch gedacht. Het gaat om een minderheid die vooral uit politieke motieven bepaalde onwelgevallige feiten niet pruimt.

    Zelf lees ik voornamelijk nog van het scherm, omdat ik zo letters voor een mij leesbaar formaat kan vergroten. Bronnen fotografeer ik en als de letters verbleekt zijn, wat voor die van mij vaak het geval is, kan ik met een fotobewerking alles leesbaar maken. Ideaal!

    Inderdaad ruiken verse boeken lekker. Voor de echte boekensnuffelaars moet er in de toekomst een voorziening worden getroffen. 🙂

  2. Lees Auke van der Woud, ‘De nieuwe mens’.

  3. Martin Hillenga@: Zal ik doen, dank je. Ach, had ik toch voor 1914 geleefd …

  4. @groninganus: Een voorziening: Ik zie al zoiets voor me als een batterij geurspuitbussen. Papier tussen 1860 en 1910: toets 1, lederen band: toets 2, pocketboek na 1945: toets 3 enzovoort.

  5. Heeft ‘postfactisch’ eigenlijk een Nederlands equivalent?

  6. @emigrant – In 1914 was het leed al geschied… ‘De nieuwe mens’ is geen gemakkelijk boek, maar geeft een aantal mooie inzichten, o.a. de wereld als ‘panopticum’ en het verdwijnen of niet meer herkennen van klassieke waarden. (De auteur is ook nog eens een aimabele Groninger – dat scheelt).

  7. “Een voorziening: Ik zie al zoiets voor me als een batterij geurspuitbussen. Papier tussen 1860 en 1910: toets 1, lederen band: toets 2, pocketboek na 1945: toets 3 enzovoort.”

    Laat het nooit zover komen ….

    Bezorgde groet,

  8. Irene@: Ik weet het niet. In het Duits is het net zo’n raar woord als in het Nederlands. Voor de toekenning van dat predikaat had ik het nog nooit gehoord.

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s