Onweten 2: het geval Mohammed

Mohammed was een belangrijke figuur uit het verleden die de loop van de geschiedenis veranderd heeft. Daarom wil men sinds een eeuw of twee graag een biografie of tenminste een encyclopedie-artikel over hem lezen. Maar er is niet veel over hem bekend. Hij moet in het eerste derde van de zevende eeuw geleefd hebben. Als geboorte- en sterfjaar staan meestal 570–632 genoteerd, maar over beide jaartallen bestond al in de vroegste islamitische bronnen geen eenstemmigheid, en bij moderne geleerden al helemaal niet. Zeker is wel dat hij in Arabië woonde, en de kernfiguur was in wat wel genoemd is de koranische beweging, die tot vereniging van de Arabische stammen en tot een nieuwe variant van het monotheïsme heeft geleid. Die verenigde stammen wisten kort daarop het hele Perzische en het halve Romeinse Rijk te onderwerpen, maar toen was Mohammed al dood. In de koran wordt Mohammed drie keer, of was het vier keer? bij name genoemd, maar veel informatie bevatten die teksten niet. In vroege niet-islamitische teksten wordt hij af en toe ook vermeld, maar ook daarvan worden we niet veel wijzer.

Ik overdrijf hierboven misschien een tikje, maar niet veel. Terwijl we van Jezus nog enkele splinters, nee niet van het kruis maar van aan hem toegeschreven uitspraken bezitten (de bron Q), is Mohammed vrijwel geheel onzichtbaar in de mist van de geschiedenis. Ook geleerden met een uitgesproken heimwee naar een gezellige biografie van de profeet moeten toegeven dat er maar heel weinig materiaal is.

Er zijn echter mensen die menen toch heel veel over Mohammed te weten. In de eerste plaats zijn dat moslims, die dank zij koranuitleg heel veel over hun profeet in de koran kunnen lezen. Bovendien hebben zij een groot corpus aan Hadithteksten ter beschikking, berichten over uitspraken en handelingen van de profeet, die zij als historische bron beschouwen. En daarbovenop komt dan nog de biografische literatuur, de Sira, waaruit zij de niet-aanstootgevende delen gebruiken.

Andere veelweters over Mohammed waren of zijn de niet-islamitische geleerden in het Westen (oudere of ouderwetse ‘oriëntalisten’) en vooral hun populairwetenschappelijke navolgers. Zij hechten meestal weinig waarde aan Hadith als historische bron en zijn veel terughoudender dan moslims in het gebruik van koranuitleg om in de koran iets historisch te ontdekken; vaak willen zij van dat laatste helemaal niet weten. Daarentegen putten zij maximaal uit de Sira-bronnen, en allang niet meer alleen uit de bekende Sira van Ibn Ishaq (gest. 767) in de editie van Ibn Hisham (gest. ± 828). Bovendien wisten of weten zij grote hoeveelheden andere historische bronnen voor hun biografieën te exploiteren.

De activiteiten van beide groepen hebben grote hoeveelheden boeken en boekjes over Mohammed voortgebracht, die elkaar meer beïnvloed hebben dan men misschien zou verwachten. Al die werken en werkjes behandelt Kecia Ali in een boek met de smakelijke titel: The Lives of Muhammad (Harvard University Press 2014).

Bezitters en verkondigers van ongefundeerde anti-islamgezinde meningen plukken meestal wat flarden uit zowel islamitische bronnen als oudere oriëntalistische werken.

U vermoedt het al: hier broeit weer iets voor mijn vakbloek.

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Bildung und Uni, Geschiedschrijving, Godsdienst, Islam, Nabije Oosten

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s