Op vakantie 7a – Werken

Mijn vakantiehuisje staat achter het huis van de verhuurders, midden in hun grote tuin. Die tuin is prachtig, met veel liefde en zorg aangelegd en bijgehouden, en ik mag daarvan meegenieten. Zo’n tuin, dat betekent veel werk. Maar is dat werk? Voor de eigenaars niet, denk ik, want ze doen het in hun zogeheten vrije tijd, en wel omdat ze er kennelijk plezier in hebben. Uit economisch gezichtspunt is deze tuin bijhouden ook geen werk: het is geen moestuin, dus er is geen productie. Maar laat niemand zeggen dat het bijhouden van een tuin overbodig is. Al is het economisch nergens goed voor, menselijk is het zeer nodig. Alleen al de aanblik van die eeuwenoude tuinen in de oude stad van Marburg waar niemand meer iets aan doet is zo hartverscheurend dat het duidelijk is dat het moet gebeuren. Van een tuin word je een beter mens. Je erf laten verflodderen of met beton overgieten voor een parkeerplaats maakt je juist slechter. Maar daar begrijpt de markt niets van.
Ik heb geen tuin en ook geen paarden om te verzorgen, dus ik doe helemaal niets. Daar word ik welbeschouwd voor betaald. Maar het blijft een raar gevoel.

En dat fietsen, is dat werken dan? Nee, daarvoor is het veel te leuk. Ik heb echt weer de smaak te pakken en zou nu dagen achter elkaar doorgaan, als er niet intussen een natte herfst met een graad of twaalf was begonnen. Fietsen produceert ook niets. Behalve dat het genot geeft heeft het nog een functie, namelijk de verbetering van mijn conditie, die van de winter door ziekte nogal geleden had. Ik denk wel dat ik nu meerdaagse tochten in Duitsland aan kan.

En mijn gepruts aan oude Arabische teksten, bij voorbeeld aan de biografie van de profeet? Dat mag geen werken heten, anders zou ik er subiet mee ophouden. Maar eerlijk gezegd is er wel degelijk verschil tussen deze vakantie en de vrije tijd thuis, die ik toch grotendeels aan de schrijftafel doorbreng. Ik doe het niet helemaal voor mijzelf, zoals fietsen; het is wel degelijk de bedoeling dat anderen er kennis van nemen. Economisch is het zo op het eerst gezicht weer nergens goed voor, maar bij nader inzien is het dat wel degelijk. Het zijn immers oude teksten zoals de bijbel, de koran en nog van alles eromheen, die nog steeds erg bepalend zijn voor hoe mensen zich gedragen en hoe een maatschappij reilt en zeilt. Veel sociaal, politiek en economisch handelen geschiedt nog altijd op grond van zulke teksten. Maar die teksten te begrijpen en waar nodig de ontsteking eruit te trekken, nee, dat geldt als een bizarre en luxe vrijetijdsbesteding.

Kuifje. Goud-Elsje. Joe Speedboot. Batman. Publieke werken. Harry Potter. Robinson Crusoë. Bonita Avenue, en bovendien nog al die doktersromans, cowboy romans en SF, wat hebben die met elkaar gemeen? Wie deze of dergelijke boeken leest weet het meteen: zij vertellen verhalen die niet echt gebeurd zijn. Het is fictie. Om dat te weten is geen opleiding in de literatuurwetenschap nodig.
Maar van de verhalen over Mozes, Jezus of Mohammed denken de meeste mensen dat ze echt gebeurd zijn. Okay, de opstanding uit de doden, de verschijning van God zelf of van engelen, wonderbare genezingen e.d., die accepteert niet iedereen, maar de rest van die verhalen wordt vaak wel voor zoete koek geslikt.
Omdat die teksten erg oud zijn en dus uit een andere cultuur stammen is het minder makkelijk om op grond van de verschijningsvorm te zien dat het fictie is. Daar komt nog bij dat ze zijn omgeven met een aureool van heiligheid. De verhalen over Jezus staan zelfs in de Evangeliën, de kern van de Heilige Schrift van de christenen. Zij moeten dus per definitie waar zijn. Het leven van Mohammed staat niet in de koran en is dus wat minder heilig, maar is voor moslims toch zeer onmisbaar, en daardoor heilig geworden. Zonder een waar gebeurd verhaal over de profeet zou niemand moslim kunnen zijn.
Van die heilige verhalen moet dus geloofd worden dat zij geen fictie zijn. Maar de heiligheid bestaat alleen voor de betreffende gelovigen; voor (ex-)christenen bij voorbeeld zouden er geen remmingen hoeven bestaan om in de teksten over Mohammed fictie te herkennen. Toch gebeurt dat uiterst zelden. Er vinden verhitte discussies plaats op grond van vermeende feitelijkheden: Mohammed was getrouwd met een kind. Hij was heel aardig voor vrouwen. Hij had een gewelddadig karakter. Hij was oorlogszuchtig. Hij was vredelievend. Hij was de goedheid zelve. Hij heeft de joden uitgeroeid. Hij was een voorstander van sociale gelijkheid, enzovoort. Op grond van een keuze uit zeer vele, meest slecht begrepen teksten bakt iedereen zijn eigen profeet, die dan werkelijk zo geweest moet zijn.
Ik zal het U vast verklappen: wat de echte Mohammed in werkelijkheid deed of zei is niet bekend. Misschien zijn er een paar kleine snippers over hem die voor de geschiedschrijving bruikbaar zijn, maar meer niet. De rest van die tienduizend bladzijden is fictie, resp. mythologie.1

Salafisten en andere bible belters kan ik niet van hun geloof afhelpen. Niet alleen omdat zij ongeletterd zijn, maar ook omdat zij net zo in elkaar zitten als sectariërs en/of fascisten. Hun geloof is erin geramd. Om zulke mensen te deprogrammeren heb je een psychiater nodig. Maar wie weet leren hun kinderen ooit lezen en vragen te stellen.
Gewone gelovigen wil ik zelfs niet van hun geloof afhelpen. Dat geloof is hun zaak, daar blijf ik af. Ik begrijp heel goed dat zij een waar verhaal nodig hebben.
Maar er zou al wat gewonnen zijn als tenminste niet-moslims en vrijzinnige moslims een blik ontwikkelden voor zulke teksten. Dan zou dat vervelende islamgezeur eens kunnen ophouden en zou het leven wat normaler worden in Nederland. Daarom beeld ik mij in dat mijn geknutsel ergens goed voor zou kunnen zijn. Mooi zou het zijn als het tot een boekje gestructureerd werd, maar voorlopig fragmenteer ik maar wat aan. Het mag geen werken worden tenslotte.

NOOT
1. Bij dat oude spul komen natuurlijk allerlei vragen op. Konden auteurs, die nog helemaal niet wisten wat fictie is, wel fictie schrijven? Of moet het anders heten?

21.5.2013

5 reacties

Opgeslagen onder Godsdienst, Islam, Literatur, Persoonlijk, Schrijven

5 Reacties op “Op vakantie 7a – Werken

  1. Ik heb de laatste jaren van dichtbij ervaring opgedaan hoe de huidige media (vooral de krant) functioneren. Daar staan ontzettend veel onjuistheden in die mensen voor waar aannemen. Ooit dacht ik dat daar duistere krachten (mensen met geld en/of veel invloed) achter zaten, maar nu weet ik dat het domheid is (journalisten zijn vaak erg beperkt in hun kennis), gecombineerd met snelheid (te vroeg over dingen schrijven, niet navragen en dus moet er gegokt worden) en vaste lezers en reclamemakende bedrijven te vriend houden.

    Vroeger waren er geen kranten, maar ook toen al zullen de verslaggevers beperkt inzicht hebben gehad en ontzag hebben gehad voor belangrijke mensen, waardoor op eenzelfde manier onjuistheden werden opgetekend.

    Zelf ga ik er van uit dat er een kern van waarheid in zit en dat er te kort controle was op de juistheid. Maar naar mijn ervaring is dat tegenwoordig niet eens zoveel beter.

  2. Bob

    Dat vind ik een radicaal oordeel: “Als het niet geschiedkundig/ bewijsbaar is, dan is het fictie”. Voor een geschiedkundige natuurlijk de enige optie om er mee om te gaan. Misschien wel voor iedereen. Er staan ongetwijfeld waarheden tussen al die fictie, maar we weten niet wat, en dus leggen we alles naast ons neer.

  3. Als er wat te twijfelen valt slaat de wijzer meestal door in de richting geloof. Mensen geloven nu eenmaal graag, ook als dat van hun ‘kerk’ niet hoeft.

  4. Een mooi college 🙂

  5. Dank je. Het woord fictie moet er echt uit; ik zoek nog naar een ander begrip.

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s