Naar de bronnen

Knieontziend fietsen lukt ook door op een hooggelegen plaats te beginnen. Zo heb ik gisteren de trein naar Erndtebrück genomen (490 m.). Aan het station zou je het niet zeggen, maar dit is nog steeds een spoorwegknooppunt. Met de boemel kun je verder naar Siegen, met een éénwagonsboemelette naar Bad Berleburg.



Het levendige dorspcentrum bestaat uit twee rotondes die te krap zijn aangelegd voor het vele vrachtverkeer dat hier doorheen dendert. Zo is er altijd wat te kijken. Gelukkig is er niemand in mijn koffie gereden.

Gauw verder dus, nog 160 hoogtemeters te overwinnen, omhoog naar de bron van de Eder. Een onverwacht mooi rivierdal, of moet ik het beek noemen? Zijn smalheid probeert de Eder te compenseren met zijn stroomsnelheid. Langs de oever geen gecultiveerde weitjes, maar zompig, wild land vol mooie planten.

Ederquelle1Ederquelle2De bron van de Eder, die na gestaag maar niet vermoeiend klimmen werd bereikt, bleek helemaal niet zichtbaar te zijn. Wel een bordje, maar geen druppel water op die plek. Omdat ik U als verslaggever niet zonder plaatje kan laten, benoem ik maar een willekeurig poeltje van verderop tot Ederbron, dan hebt U toch wat.

Op dezelfde kam wellen ook de Sieg en mijn eigen rivier, de Lahn, uit de bodem op.

Siegquelle_1Siegquelle_2Lahnquelle

Denkt U vooral niet dat dit meer van hetzelfde is. De Eder stroomt na een schijnbeweging in westelijke richting naar het Oosten, waar hij zich kort voor Kassel in de Fulda stort en via Hann. Münden (wo Werra sich und Fulda küssen) als Weser naar Bremerhaven beweegt. Sieg en Lahn landen met vreemde omwegen in de Rijn en komen via Lobith en Katwijk eh ja… ook in de Noordzee terecht. Tussen de bronnen van de Eder en de Sieg ben ik dus ongemerkt over een waterscheiding heengefietst.

Die bronnen zijn natuurlijk even ondramatisch als de heilige Graal, maar wat moeten ze anders op een landkaart schrijven in zo’n leeg gebied? Ook als reiziger/fietser heb je een doel nodig, om de schijn van zinloosheid te vermijden. Naar de bronnen dus, auf jeden Fall!

Terug naar beneden door het Ilsedal, en later door het Banfedal, naar Bad Laasphe en de Hessische grens. Die Ilse probeerde haar bronnetje ook nog aan de man te brengen, maar daar trapte ik niet in. Er komt een moment dat het genoeg is. Het Ilsedal is wel van een intieme schoonheid.

Dat waren de bronnen. Je hoeft het niet meer dan één maal in je leven gedaan te hebben, maar het was een mooie tocht. Het is onrechtvaardig: waarom maakt het ene stroompje zich breed en wordt een rivier met aansluiting aan de grote wereld die genoemd wordt in gedichten, terwijl het andere, dat net zo veelbelovend begint, klein blijft en slechts plaatselijk bekend? Het Lahndal is verderop heel breed: miljoenen jaren geleden moet de Lahn een machtige stroom zijn geweest die zich een brede bedding heeft uitgeslepen. Nu is het een ondiep riviertje, waarop pas bij Limburg een beetje gevaren kan worden. Voordat de Pruisen kwamen met hun ontginningen en hun spoorweg moet het een moerassig gebied zijn geweest, met malaria, natte wegen en ongure herbergen. Mooi is het nog steeds niet tussen Marburg en Gießen, maar tenminste is de B3 nu vierbaans geworden.

Binnenkort wordt daar een dorp uit de oertijd geopend. Emigrant zal berichten.

10 reacties

Opgeslagen onder Duitsland, Fietsen, Trein&tram

10 Reacties op “Naar de bronnen

  1. In 2008 fietste ik over het Rothaargebergte, met de Sieg omhoog en met de Lahn naar beneden. Aansluitend via Wetter de rest van de Eder gevolgd tot Edermünde. In de Eder zit een groot stuwmeer dat destijds voor de (westelijke -) helft leeg was. Met zo’n meer kan je de waterstand in een rivier flink beïnvloeden. In de Sieg en Lahn zitten (zo ver ik weet) geen stuwmeren. Ik vond het een mooi fietsgebied. Het leukste zijn de dalen die wel geschikt zijn voor een kleine weg, maar niet voor een grote. Langs de Rijn fietsen kan ik dan ook flink ontraden, dan zijn dit soort kleine slingerriviertjes een stuk leuker. Tussen Limburg en Bad Ems is de Lahn ook heel apart, omdat ie daar door een veel nauwere kloof moet. Ik denk dan ook dat de breedte van de Lahnvallei rond Marburg, Biedenkopf en Giessen niet door de rivier komt, maar door een gebrek aan uitgesproken bergen. Mogelijk is het ooit een groot meer geweest dat door te weinig water is dichtgegroeid.

    Dat station ziet er net zo armoedig uit als dat in Frankenberg/Eder waar het lijntje uit Marburg eindigt.

  2. Dus ook in het verleden had de Lahn al geen grootheid. Jammer.

    Onder die kleine riviertjes is de Ilse best aardig. Inderdaad, het dal is te smal voor een behoorlijke weg, en er wonen ook nauwelijks mensen.

    In Bad Ems ben ik ook geweest, in het achttiende-eeuwse kuurhotel zelfs. Maar dat helpt niets, want die plaats is kapot. Gokautomaten, shoarmazaken. Terwijl vroeger koningen en keizers… en ook ik.

  3. Deze Ilse was lastig te vinden. Die in Sachsen-Anhalt, die in de Oker uitmond is iets bekender. Zelf vond ik de Enz die in de Neckar stroomt erg mooi. Daar ligt alleen een mooi breed fietspad langs en wat uitgesleten rotsen. De Möhne en Diemel hebben ook mooie valleien. Langs de Möhne is erg eenvoudig te fietsen over de voormalige spoorlijn. Bij de Diemel moet de fiets af en toe op de schouder.

  4. Leo

    Ik ken het beschreven gebied boven Frankfurt niet zo goed. Dus neem dit op als een spons water. Frankfurt en Mainz waren meer mijn bestemmingen als ik weer eens moest vergaderen in die hoek. Of Worms, waar ik nog eens werd neergezet in een vooraf geboekt hotel door een volkomen mislukte secretaresse bij het bedrijf waar ik toen voor werkte. Maar dit rivierenlandschap ken ik niet. Toch eens bezoeken als we in de buurt zijn. Overigens eindigt die Rijn in zijn Hollandse vorm tegenwoordig in Hoek van Holland hoor, de Oude Rijn loopt naar Katwijk, maar is in feite niet meer dan een keurig gekanaliseerde zoetwaterstroom….

  5. Ik weet het Leo, maar omdat ik jaren in Leiden heb gewoond is het toch een beetje mijn Rijn daar.
    Een mooi stukje Lahn is van Limburg a/d Lahn (zelf ook een heel mooi stadje) naar Koblenz. Daar ga ik volgende week naar toe, met bezoek.

  6. Natuurlijk vrij simpel. De Rijn stroomt hoofdzakelijk via de Lek en Waal in de Maas die door Rotterdam en langs Maassluis gaat.

    Maar ja, hoe leggen we nu aan de Duitsers uit dat de Rijn niet meer dan een tak van de Maas is. 🙂

  7. Het blijft een Duits onderonsje, want de Maas is ook een Duitse rivier, getuige een frase uit voorheen het volkslied: Von der Maas bis an die Memel, von der Etsch bis an den Belt … (1841).

  8. Leo

    Nog even en The English Channel is ook een Duitse zee…..

  9. In poëzie is een hoop mogelijk.

  10. Leo

    Ja, zo dacht Hitler ook toen hij aan de boorden van het Kanaal naar de White Cliffs of Dover stond te turen…

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s