Brief van een oude vader

Ik wil je toch eens schrijven, jongen, al wil jij waarschijnlijk nooit meer iets met mij te maken hebben. Als je deze brief weggooit heb ik pech. Nou ja, ik probeer het gewoon.

Als je ons vaker had bezocht had je geweten hoe erg Eva was afgetakeld. Ze had weinig levenslust meer, zag er niet uit, en iedere kwaliteit was uit haar bestaan verdwenen. Ze zeggen dat je een feest altijd moet verlaten op zijn hoogtepunt; welnu, dat tijdstip was bij haar al lang voorbij. Het was hoog tijd. Niet echt iets voor mij om daar zo een eind aan te maken, maar ik zag er geen gat meer in. Voor de rechtbank was het een daad in de relationele sfeer en voor sterfhulp kon het niet doorgaan. Dat er nog een laag motief in het spel was heeft de rechter niet eens gezien. Natuurlijk heb ik verzwegen dat ik gevangenisstraf verkoos boven een bejaardenhuis met háár, omdat die tehuizen niet te harden zijn, ook niet in de betere sector – en dat ik gokte op Breskens.

Gezien mijn leeftijd en ambtelijke carrière lag het immers voor de hand dat ik in de C-vleugel van het Justitieel Complex Breskens zou komen. Als ik in een normale PI was beland was ik akelig de klos geweest. Want ouwe zakken worden zelden gemolesteerd, maar ze moeten wel hand- en spandiensten voor de fittere heren verrichten. Schoenen poetsen bij voorbeeld, en dat is nog het minste, je begrijpt het wel. En dat ik veel weet en over tal van onderwerpen aardig kan vertellen wordt juist in de grovere segmenten van de samenleving niet zo gewaardeerd. De opinion chique dat mensen uit ontwikkelingslanden zich vaker misdragen, maar wel respect hebben voor de ouderdom wordt in zulke omgevingen al gauw gelogenstraft.

Het was een gok, maar het is goed verlopen. Tenslotte was ik tot die geschiedenis met Eva een nette vent, en bij de rechtbank kenden ze mijn naam nog uit mijn tijd aan het ministerie. Men vond mij blijkbaar een typisch geval voor Breskens, tot nu toe de enige gevangenis voor bejaarden in Nederland. Het publiek hier is gemengd en ruig, voor een deel getatoeëerd zelfs, maar de ergste agressie en klootzakkerigheid is er wel af, en het is een interessantere doorsnee uit de samenleving dan je in een gewoon bejaardenhuis tegenkomt. En dat geldt ook voor het personeel. In zo’n Huize Avondrood zitten bijna alleen kakelende vrouwen die nog tien jaar ouder zijn dan ik; hier zijn alleen mannen, waarvan vele wat jonger dan ik. En gelukkig geen K.tmarokkanen en zo; de eerste generatie gastarbeiders was nog niet crimineel en heeft zich bovendien al doodgewerkt.

Van de nabije zee zien wij natuurlijk niets, maar tijdens het verblijf op de eigen binnenplaats van de C-vleugel, waar wij onbeperkt mogen recreëren, ruiken we de zeelucht, en scheepstoeters horen we ook af en toe. Kost en inwoning zijn hier gegarandeerd, maar als je eens iets extra wilt, wat meer fruit of zo, dan moet je werken. Het werk is erg eenvoudig voor mijn doen, maar dat is niet erg. We maken pluggen voor een bouwmarkt, voor 1,50 per uur. De laatste jaren op het ministerie had ik ook steeds meer de indruk, volkomen zinloos werk te verrichten.

Onder al die mannen van lagere stand zijn echte misdadigers: moordenaars en dieven en ander tuig, maar de omgang met elkaar is eigenlijk niet ellendiger dan in de burgermaatschappij. En zoveel misdadiger zijn ze ook niet. Misschien ligt het ook aan de leeftijd. De omgangstoon is wel eens rauw, maar weet je: ik vind dat eigenlijk een verademing. Op al die beschaving in Den Haag en Wassenaar was ik echt wel uitgekeken. Ik ben hier bevriend geraakt met Arnoud, de burgemeester van een middelgrote stad, die vlak voor zijn pensionering nog even een miljoen verduisterd heeft; misschien heb je erover gelezen. Stom, maar een nette vent evengoed. Heel lang zal hij hier helaas niet blijven. De andere heren blijven soms nogal op afstand, omdat ik voor hen toch zoiets als de Klassenfeind belichaam. Daar ben ik ook wel mee gepest, maar ik ben niet van suikergoed en al stel ik fysiek niet veel meer voor, ik kan me wel handhaven. Het overleven is hier natuurlijk lang niet zo lichamelijk als in een gewone gevangenis.

Het eten is gezond, maar tamelijk saai. Vreemd genoeg kan me dat eigenlijk niet meer schelen. Mij, die vroeger toch een echte gourmet was en ook zelf heel behoorlijke maaltijden wist te componeren, dat weet je nog wel. Soms denk ik ineens aan de geur van een lamsbout of een clafoutis aux cerises, vers uit de oven, of aan de koude sensatie van een spoom. Ik mis wel eens andere dingen van vroeger: naar de opera te gaan, een goed glas wijn, een fietstocht, een uitgebreide bibliotheek ook. Maar een mens kan zich ook met de kleine bibliotheek hier in huis behelpen. De werken van Vestdijk vervelen niet en zelfs als er verder alleen maar de bijbel was: die is al genoeg voor het onbewoonde eiland. Niet om religieuze redenen, god beware. Maar de bijbel is duidelijk beter dan zijn tweede boek; het is haast een literatuur op zich. Die nieuwe vertaling is ook in orde, die brengt wat normaliteit in die vreemde teksten. Als ik een ander boek zou wensen kan dat besteld worden uit een openbare bibliotheek (als het tenminste geen handleiding is voor het maken van bommen), of uit de boekhandel. Omdat ik niet rook heb ik een klein intern spaartegoed opgebouwd. Maar ik hoef geen andere boeken dan die hier zijn en ben tevreden met deze kleine wereld. Op mijn leeftijd zou ik hoe dan ook kleiner zijn komen te wonen. Wat wel verveelt is de televisie; die kan wat mij betreft uit blijven.

Weet je wat ik tegenwoordig doe in mijn ‘vrije tijd’? Ja, vooral omdat er weinig anders te doen is, maar ik heb er toch ook schik in gekregen: ik train in zo’n fitnesskamer die hier is, en ik sla me zelfs regelmatig leeg op een boksbal! Had ik veel eerder moeten doen: zo’n ding mag eigenlijk in geen huisgezin ontbreken en zeker niet in ministeries. Onder leiding van Jopie, een vierkant blok beton, al is hij nogal gerimpeld. Dit soort dingen deed je vroeger niet, maar ik moet toegeven: het geeft een diepe bevrediging de ouwe spieren te voelen kraken en ergens flink tegen aan te meppen. Ik word van de weeromstuit fitter dan ik in jaren ben geweest. Er is ook een dwingende reden om fit te blijven. Je moet tenminste in staat zijn te lopen en de trap op te komen: zodra je dat niet meer kan of ziektes krijgt moet je deze inrichting weer verlaten. Dan gaat het waarschijnlijk richting verpleeghuis, en dan is het leven echt voorbij.

Het is merkwaardig hoe veel bewoners er hier om hun schuld heen draaien. Ten dele zijn het echt zware misdadigers, maar de meesten doen alsof er niets aan de hand is, alsof ze eigenlijk onschuldig zijn. Al ben ik jurist, de strafmaat begrijp ik ook nooit helemaal. Een pastoor die kinderen misbruikt is naar mijn overtuiging een zwaardere misdadiger dan een bedrieger; toch moet onze mega-investeringszwendelaar een paar jaar zitten en pastoors worden alleen maar overgeplaatst. Ik zelf ben duidelijk schuldig; toch lijkt het net of het een ander was die het heeft gedaan. Nachtmerries heb ik er niet van. Er zijn hier ook wel mannen die bang zijn voor de dood; dat is de klantenkring van de oecumenische gevangenispastor. Mij interesseert de dood niet, ik ben eerder bang voor het leven of wat daar nog van over is. Zoals vroeger ook al, maar het wordt erger nu.

Nou jongen, ik stop er weer mee. Als je ooit op bezoek zou willen komen: dat kan hier één keer per week. Maar ik begrijp het wel: het is een heel eind, en ik reken er niet echt op. Je moet in jouw omgeving maar nooit vertellen wat je vader heeft gedaan. De mensen denken al gauw dat zoiets erfelijk is. Had jij eigenlijk nog gestemd? Toch niet op die Wilders hoop ik? Er is waarachtig al genoeg geboefte aan de macht.

Een groet van je vader,

Een reactie plaatsen

Opgeslagen onder Fictie, Persoonlijk

Reageer

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s